is toegevoegd aan uw favorieten.

De prostitutie bij de volken der Oudheid

Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

den omtrek van den tempel van Cnide, de een over de liefde der vrouwen, de anderen over die der jongens debatteeren. Onze twee redenaars zijn Charicles en Callicratidas. Wij zullen de argumenten hooren, die zij aanvoeren, voor hunne meeningen.

Charicles. Uw slachtoffer lijdt en weent onder uw afschuwelijke liefkoozingen; als men dergelijke verstoringen bij de mannen toelaat, moet men aan de Lesbische vrouwen hare dorre liefde laten.

Callicratidas. Leeuwen huwen geen leeuwen, zegt gy. Dat komt omdat leeuwen niet philosopheeren. 's Morgens lijkt de vrouw, als zij uit het bed komt, een apin; oude vrouwen en dienstmeisjes, op een rij geschaard als bij een processie, brengen haar de gereedschappen en de drogerijen voor haar toilet: een zilveren waschkom, een waterkan, een spiegel, frizeerijzers, blanketsel, potjes met opiaat en zalf om haar tanden schoon te maken, de wenkbrauwen zwart te maken en het haar te kleuren en te parfumeeren; men zou meenen de werkplaats van een apotheker te zien. Zij bedekt half haar voorhoofd onder de krullen van haar haren, terwijl een ander gedeelte over haar schouders golft. De riemen van haar schoeisel zijn zoo nauw aangehaald dat zij in het vleesch dringen; zij is minder gekleed dan wel in een doorschijnende stof ingesloten, die zien laat, wat zij gehouden is te verbergen. Zij doet kostbare paarlen in haar ooren, en armbanden in den vorm van een slang aan haar polsen en armen; een diadeem van diamanten en edelsteenen uit Indië zit op haar hoofd; lange halssnoeren hangen om haar hals; gouden hakken versieren haar purperen schoenen; zij maakt haar schaamtelooze wangen rood om haar bleekheid te verbergen. Zoo uitgedost gaat