Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

lupanars kwamen de cellen, cellce, niet op straat uit, maar op een binnenplaats, in welks midden een fontein zich in een bekken verhief O. De ontuchtige teekeningen waren op de muren door mythologische tooneelen vervangen, waarin de goden en godinnen aan de liefde offerden. Het meubilair was ook comfortabel en de liefhebbers vonden daar een volledig personeel voor den dienst.

De ancillce ornatrices waren bedienden, bestemd voor het toilet der meisjes, om ze te kleeden, te tooien, te blanketten, enz.; de aquarioli brachten den bezoekers verfrisschende dranken en wijn (2); de bacario was belast met de hygiënische zuiveringen, waaraan de man en de vrouw zich voor en na den bijslaap onderwierpen; de villicus was de chef van den le.no of de lena, die het huis hield en aan hem gaf men het geld op het bordje vermeld over. De admixsarii waren eindelijk mannen en vrouwen, die belast waren op den openbaren weg klanten te werven en die naar het lupanar te brengen. Om deze reden noemde men ze ook adductores of conductores.

Het aantal lupanars was aanzienlijk en toch waren er nog vele vrouwen, die zich aan de geheime prostitutie overgaven. Deze had zich in de legerkampen verspreid met verachting der gestrengheid van de oude krijgstucht, die den vrouwen niet toestond de legers te volgen. Valerius Magenius, die dit feit aangeteekend heeft, voegt er bij, dat de zaak zoo ver gekomen was, dat de jonge Scipio, toen hij het bevel in Afrika tijdens den derden Punischen oorlog

(1) Er waren er die voorzien waren van een balkon, waarop de meisjes in een bont toilet en met bloemen gekroond stonden, terwijl zij in de hand een mirtetak hielden.

(2) Lib. II Cap. 2, til. I.

12

Sluiten