Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

Op de andere vaas zit een insgelijks met mirte omkransd vreemdeling op een soort bed en schijnt het woord te richten tot een courtisane, die naast hem staat.

De beide bekers stellen soortgelijke onderwerpen voor, vergezeld door groepen mannen en lichtekooien ; men merkt er ook een spiegel op, het kenmerkend zinnebeeld van Venus.

„Op den gegraveerden steen," zegt Lajard, „ziet men een zeer ontuchtig tooneel, waarbij de godin of de ingewijde zelf een spiegel ter hoogte harer oogen houdt. De vijf andere zijden van den steen stellen verscheiden dieren voor, die den dienst van de Oostersche Venus kenmerken. Deze tooneelen toonen ons hoe de verdorvenheid der zeden de oorspronkelijke instelling van het offer der maagdelijkheid in het heiligdom van Venus ontaard had. Deze opmerking schijnt mij evenzeer gewettigd door de wijze, waarop eenige schrijvers der oudheid zich uitlaten over de min of meer ontuchtige gebruiken, die in verschillende plaatsen van Griekenland het vieren der mysteriën van Aphrodite of van verscheiden godheden vergezelden, waarmede Venus oorspronkelijk een was."

Al die kegels, emblemen van Venus, werden in de steden hoofdzakelijk aan vreemdelingen verkocht, die de tempels der godin bezochten. Zij droegen bijna allen dezelfde teekeningen, wat wel de overeenkomst bewijst der gebruiken van den eeredienst van Mylitta bij de Assyriërs met dien van den Venusdienst bij de Grieken en Romeinen en van den Mithradienst bij de Perzen. Andere gegraveerde steenen en Perzische en Romeinsche bas-reliefs vertoonen inderdaad Mithra, evenals de tweeslachtige Venus van den kegel van Lajard, tusschen de twee poorten van den hemel, d. i. aan haar rechterzijde de zon en aan haar linker de maan hebbende,

Sluiten