Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

3 Bladen 0,02—0,07 lang 4

Bladen 0,12-0,20 lang, glanzend of groen van kleur. Jonge takken rood. Kegels ongesteeld, in rijpen toestand horizontaal afstaand of schuin naar beneden gericht, glanzend, meestgrooter dan by P. silvestris (flg. 47). Schors roodgrijs tot bruinrood. 12,00-30,00. Ij. Mei. Uit hot gebied der Middellandsche Zee. Op zandgrond, aangeplant.

Heksenmast. Zeeden. f P. Pinaster Ait.

4 Bladen blauwgroen , 0,04-0,07 lang. Kegels duidelijk gesteeld, dadelijk na den bloeitijd haakvormig naar beneden gebogen, in rijpen toestand kegelvormig, dof ot' bijna dof (fig. 48), grijs. Vruchtschubben met een tamelijk vlak of verhoven tot haak vormitr schild.

Vleugel 3-maal zoo lang als het zaad. 4,i- fig- *"•

Schors eerst geelrood, later grijsbruin en met scheuren. 5,00-30,00. K Mei. Algemeen, in bosschen, op zand- en heigrond.

Grove spar. Mastspar (grenenhout). Grove den. P. sil véstris L.

Fig. 48. Pinus «ilve tris. Fig. 49. Abies albi.

« tak met mannelijke katjes: b stuifmeel- a tak met mannelijke katjes; I» manno-

zakken: r vrouwelijke katjes: d schub: iyko bloem; r meeldraad: d kegel: e, /,

e vruchtdragende tak: /"rijpe kegel; y g schubben; h zaden.

zaad met, /< zonder vleugel.

Bladen donker grasgroen, korter, 0,02-0,05 lang. Kegels zittend of zeer kortgesteeld, later horizontaal afstaand of schuin naar beneden gericht, als z[) rijp zijn. glanzend.

Sluiten