Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

in okselstandige hoofdjes, aren of pluimen, groenachtig. Stempels penseelvormig 1

1 Bloemtakken met mannelijke en met vrouwelijke

bloemen meest korter dan de bladstelen, rechtopstaand of horizontaal uitstaand, pluimvormig (fig. 423). Bladen eirond of elliptisch, spits, ingesneden gezaagd, de onderste korter dan de steel. 0,15-0,60. 0. Mei—Herfst. In moeshoven en tuinen, onder heggen, langs wegen enz. Algemeen.

Kleine brandnetel. U. ürens L.

Bloemtakken of alleen met mannelijke of alleen met vrouwelijke bloemen 2

2 Meest 2-huizig (fig. 424). Bladen langwerpig,

toegespitst, grof-gezaagd, langer dan de steel. Mannelijke bloemtakken met korte, vrouwelijke met langere zijtakken, ten laatste hangend, alle aar-pluimvormig, langer dan de bladstelen. 0,30-1,50.

ZJ.. Juli—Herlst. Aan wegen, op onbebouwde, beschaduwdo plaatsen en in heggen. Algemeen.

Groote brandnetel.

U- dióica L.

Eenhuizig. Bladen langwerpig-eirond, toegespitst, stomp ingesneden gezaagd, meest langer dan de steel, zeldzamer korter. Mannelijke bloemtakken rechtopstaand, vrouwelijke bolrond, langgesteeld. 0JB0-0.90. Q. Juni-Herfst. Gave brandnetel U. pilulilVra L.

BU ons komt alleen de var. fi. Dodartii L. mot gaafratidige of nauwelijks getande bladen voor (fig. 425) Haagsehe bosch, Delft, Dronrijp, Heerjansdam.

2. Parietaria Trn. iv. xxi.

Kruiden met stompkantigen stengel, verspreide, gesteelde, gaafrandige bladen. Bloemen in groenachtige kluwens in de bladoksels ... 1 1 Stengel kort behaard. Bladen gesteeld, toegespitst, aan den voet versmald, zeldzamer afgerond, 3-nervig, gras¬

achtig glanzend, van boven donkergroen , weinig behaard ,

onderen bleeker, dichter en kortbehaard. 1|~ Juni —Herfst.

Glas kruid. P. officinalis L.

Ondersoorten:

a. Stengel rechtopstaand of opstijgend (fig. 426). Bladen eirond

Fig. 42ö. Parietaria officinalis.

a tweeslachtige bloem: h vrouwelijke bloem: c vruchtbeginsel en stijl: d vrucht door het bloemdek omgeven, by e vr\j.

van

Sluiten