Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

Bloemen in hoofdachtige hoopjes. Schutbladen en kelkschubben bruin, vliezig, omgekeerd-eirond, de bovenste priemvormig toegespitst. Bloemkroon rood, zelden wit. 0,80-0,45. Juni—Augs. Deventer, Utrecht, Olst.

Karthuizor anjelier. I). Cart hiisianóriini L.

o otengei Kaai. bladen breed-lancetvornng V

of langwerpig (lig. 534). Schutbladen \Sv Ujnvormig, teruggebogen. Dokschubben v\ eircnd. Bloemkroon purper of rose. vSS^. 0.45-0,«50. 2|.. Juni—Augs. Sierplant uit v\N

M.-Euro pa, ook verwilderd. Koerenpronkei\ Duizendschoon, f D. harbatus L.

Stengel en bladen behaard. Schutbladen rechtopstaand, evenals de dekschubben lancet-priemvormig en ruw behaard (fig. 535). Bloemkroon klein ,

licht karmijnrood. 0,30-0,45. ©oJuli, Augs. Op grazigen, beschaduwden zandgrond. Zeldzaam.

Ruige anjelier. D. Arméria L.

4 Plaat der kroonbladen ongedeeld, alleen geta Plaat der kroonbladen tot het midden of noj

5 Dekschubben meest 2, langwerpig, met een

lange naald, met de naald half zoo lang als de kelkbuis (fig. 536a). Bladen breed lijnvormig, evenals de stengel ruw-behaard. Bloemkroon purper met donkeren ring en lichtgekleurde punten (fig. 5364). 0,22-0,45. 2|~ Juni—Herfst. Op beschaduwden zandgrond, ook in de duinen. Vrij zeldzaam, doch plaatseljjk algemeen.

Plaat der kroonbladen ongedeeld, alleen getand

Plaat der kroonbladen tot het midden of nog dieper ingesneden. 6

Steenanjelier. D. deltoides L. Fig r>36.

Dokschubbon 4-6, kortgespitst en stomp (fig. 537). Stengel meerbloemig, grasgroen. Bladen spits, niet gladden rand, grijsgroen. Dekschubben bjjna ruitvormig, spits

V,. uvnv I I'MIIU. IJIWII1IMUUII OCC1 vei ^>CII I11U11U Hl-hiruiu,

meest gevuld, welriekend. 0,40-0,80. Juli, Augs.

Sierplant uit Zuid-Europa.

Anjelier, f D. t'aryophy'llus L. 6 Kroonbladen vinvormig ingesneden, met langwerpig middeldeel (fig. 538). ISladen grasgroen. 7

i\iuuuuirtueii nauuvormig ui^osneuen mg. o«»>, met omgekeerd eirond middeldeel, rose tot wit. Dekschubben eirond, met korte stekelpunt. Bladon grasgroen, Hjn-priemvormig. 0,15-0,30. Juli, Augs Sierplant.

G ras filetten. f D. plumarius L.

7 Steill?pls Annhlnnmirr Ulrwlnn liinvnrmicr

« ©tengels meest eenbloemig. Bladen lijnvormig, 9

spits. Dekschubben eirond, stomp, soms go- 517 r;™ vis Fi„ r.«,

spitst, i maal zoo lang als de kelkbuis. Bloem-

kroon wit, aan den voet der plaat met een groenachtige vlek en door witte of roode haren gehaard, welriekend. 0,22-0,46. X Juni—Septr. Vroeger op een paar plaatsen gevonden. (Zwolle, Nijmegen , 's-Gravenhagel.

Z andanjelier. I). tirennrlus L.

91 *

Sluiten