Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

Stengel aangedrukt-behaard. Steunblaadjes driehoekig, in een naald versmald. Hoofdjes bolrond, meest 2 bijeen. Kelkbuis behaard,

met ae tanden er Dj) Korter aan de halve bloemkroon (fig. 1017). Bladen van boven meest kaal, van onderen behaard, vaak met een halvemaanvormige, witte vlek. Blaadjes ovaal, bijna gaafrandig. Stengel rechtopgaand of opstjjgend. Bloemkroon purper, zelden wit. 0,15-0,30. ©O* Juni —Herfst. In graslanden , aan wegen. Algemeen. Ook veel gekweekt.

Brabantsclie klaver. Spaansche klaver. Barijet/loem . . . Roode klaver. T. praténse L.

14 Bloemen in hoofdjes, zeer dicht opeenstaand 15 Bloemen in aren (bij T. stellatum in losse

hoofdjes). Kelk 10-ribbig 18

15 Kelk 10-nervig, met stijve, stokende tanden,

die vaak zeer ongelijk van lengte zijn. Keel door een verheven lijst gesloten, zelden

open lti

Kelk 20-nervig, klokvormig. Kelk tanden lijn*

borstel vorm ïg, buigzaam, reent, iets Korter t-sixishwi

tot dubbel zoo lang als de buis, gewimperd. Fl*f* 1701': °

onigekèerd^rond iaar°boven zwak^getarid^ S-nSèn; «er ,

Bloemen wit-rose, in vrtf groote, bijna peul, ƒ zaad, dwars doorgesnedon. bolronde, alleenstaande hoofdjes. Bloemkroon nauwelijks zoo lang als do kelk. <>,100,40. O* Mei-Juli. Aangevoerd. Apeldoorn. Klit klaver. T. lappaceum L. lti Vruchtkelk sterk samengedrukt, lederachtig, kaal of bijna kaal, maar vooral naar boven klierachtig-behaard en daar ongenerfd. Kelk met een sterke verheven lijst . . 1<

> I IH.IILK.C-11V Vlie/ilg, CI'MUftYUUlllB , UC MIIUOU

mig, priem vorm ig, niet stekend, bros, de onderste tand breeder, naar binnen gebogen. Hoofdjes zittend of kortgesteeld. Stengel opstijgend of rechtopstaand. Steunbladen lancet-priemvormig. Blaadje» omgekeerdeirond of langwerpig, zwak getand. 0,10-0,30. Juni, Juli. Aangevoerd. Zwolle. Al exandrynsche klaver. T. alexninlrmuin L. 17 Steunbladen lancet-priem vormig ifig. 1018), toegespitst. Hoofdjes eerst bolrond, later eirond, eindstandig, zittend of kortgesteeld, meest met 2 bladen omhuld. Vruchtkelk zeer vergroot, buis-klokvormig, sterk samen-

«r,^riib-f TonHan ai.lnn.'otirr»rmi(T at.Hf wtolrpnri Vlair 11-maal ZOO lailC

als de kiel. Hoofdjes wit of bleekrood. Stengel rechtopstaand of opstijgend, min of meer behaard. Blaadjes lancet vormig of lancet-wigvormig,

b(jna gaafrandig. 0,10-0,40. O- Mei-Juli. Amsterdam, Katwiik.

Zee klaver. T. maritlmum llads.

Steunbladen lijnvormig, spits. Hoofdjes r\rond, oksel- en schijnbaar eindstandig, langeesteeld. zonder bladen er om. Kelkbuis tijdens den vruchtthd naar

boven zeer verwijd met gesloten keel. Tanden lang, stijf, priemvormig. Vlag veel langer dan de kiel. Hoofdjes klein. Stengel liggend of opstijgend, aanliggend behaard. Blaadjes elliptisch, langwerpig of omgokeerdeirond. O- Mei, Juni. Aangevoerd. Middelburg.

Uitgespreide klaver. T. sapumm Savi.

18 Keel van den kelk door haren niet geheel gesloten, wel vernauwd. KelktnnHon liinvnrmicr stiif. hilna lii? 1019). Aren teil slotte CVlill-

drisch. Steunbladen eirond. Blaadjes omgekeerd-eirond. Bloemkroon bloedrood, zelden lichtrood. 0,15-0,30. Q. Juni—Augs. Gekweekt en Fig. 1010,

Sluiten