Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

Fig. 1256. JUll, AUgS. AUU V\ ttLCl IVrtUtCLl ) vp J-

in bosschen Algemeen. . Moerasandoorn. S. palüster L.

De verwante + S tuberifera Xaudin, de Japansche andoorn, wordt

in dB laatste ia'ren vrii veel om de knollen als groente aangekweekt. S silvaticus V Daluster (S. ambiguus Sm.) is eenige malen aangetroffen. Bladen alle sesièeld met hartvormigen voet, eirond-lancefrvormig tot langwerpigSnMtvormil lekarteld-gezaagd. Stengel stüfbehaard. Kroonbuis van af den ifaarrine iets' venv d. Uitloopers niet knolvormig verdikt. 0,80-0,61!. "4- Juli aS Od beschaduwde en vochtige plaatsen, aan slootkanten.

<*esteeld de bovenste zittend, half-stengelomvattend (fig. 1256).

ScViiinlfransen fi-10-bloemiff. Bloemkroon vuil-

rose, zelden wit. Onderaardsche uitloopers aan den top knolvormig verdikt. 0,30-0,60. 2|~ Juli, Augs. Aan waterkanten, op bouwland en

Fig. 125». Stachysjsilvaticus. n kolk; b bloem: '' bloemkroon: il nootjes ln den kelk: e nootjes.

Fig. 1257. Betonica officinalis.

ii kelk: b opengelegde bloemkroon mot do meeldraden; c onderlip; <1 meeldraad: e stamper: /' nootjes, een in doorsnede.

23. ^Betónica Tm.

Stengel niet vertakt, kort-behaard (Hg. 1257). Hladen langwerpig-eirond, aan den voet hartvormig, de onderste zeer langgesteeld, de boveuste kortgesteeld, kleiner. Bloeiwijze eindelings, dicht. Kelktanden driehoekig, langgewimperd. Bloemkroon purper, zelden wit. 0,300,90.

jl jun'i Augs. Op weiland, in bosschen, in zandige streken. Vrij

zeldzaam. (Stachys Betónica 1'euth.) Betonie. B. officinalis L.

Sluiten