Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

later bijna kaal, met lijnvormige stekelpuntige slippen (fig,

i nAr> r*i 1 .1

Diuciuaiuucu ruuu-

achtig. 0,30-0,60. 2).—t). Augs.—Herfst. Up drogen zandgrond, ook in de duinen. Zeldzaam.

Veldalsem. Wilde [averuit. A. campéstris L. Hoofdjes eirond-langwerpig,

klnin r«r»htODStaand Cficr.

139(5). Omwindselbladen ilg- 1395van buiten viltig. Bladen van boven kaal, van onderen witviltig, vindeelig, met lancetvormige slippen (bij de variëteit coarctuta Forsk., dubbel-vinspletig met lijnvormige slippen en diebtopeenstaande hoofdjes, zoo bij Deventer gevonden). Bloemkronen geel of roodbruin. Stengel rechtopstaand, vertakt, meest donkerrood.

0,60-1,20. 2|.. Juli—Septr. Langs

i . i i_i i. i

wegeu, iu uaauuut, vuuiai Fig. 1396. Artemisia vulgaris.

op zandgrond. Vrjj algemeen. « schyf-, h straalbloemen.

Krcibbeklootjes. B ij v o e t. A. vulgaris L.

A. Tournefortiana Rchb., de pl ui mal som, is by Bennekom en Deventer gevonden. Plant kaal. Stengel rechtopstaand. Onderste bladen vindeelig met scherp gezaagde slippen, de hoogbre 3-deelig. de bovenste ongedeeld. Hoofdjes holrond, rechtopstaand in eene smalle, dichte, bebladerde pluim. 0,50-1,00. 31. Augs.—Octr. Uit Zuid-Rusland.

A annua L., do zomeralsem, is aan den Rijnoever b(| Arnhem, Apeldoorn en de Bilt gevonden. Plant kaal. Onderste bladen 2-S-voudie vindeelig met langwerpige tot lijnvormige slippen, de bovenste vindeelig. Hoofdjes bolvormig, knikkend, tot een pluim vereenigd. 0,50-1,50. 0. Uit Zuid-Europa. Augs.—Octr.

3tf. Ammóbium R. Br.

1 Stengel en takken door atloopende bladen gevleugeld, diclit-beliaard. Bladen ïynlancetvormig. de wortelstandige langwerpig-lancetvormig tot bij na spatelvormig, alle van onderen witviltig. Hoofdjes bolvormig, alleenstaand, eindelings, langge-iteeld. Omwindselbladen stralend, wit. Bloemkroon geel. 0,">0-0,80. ^- Juli— Herfst. Sierplant uit Nieuw-Holland. . . Zandbloem. + A. alatnm R. Br.

87. Rhodanthe Lindl.

1 Omwindsolbladen eirond, de middelste aangedrukt, d® binnenste stervormig uitgespreid. Hoofdjes alleenstaand, eindelings, rose, wit, stralend. SchUfbloemen geel. Bladon stengelom vattend, langwerpig, stomp, gaafrandig. 0,30-0,60. 0. Septr.— Deer. Sierplant uit N.-Hollana j- B. Manglésll Llndl.

Sluiten