Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

*

Stengel iets opstijgend. Overigens als H. pratense. 0,30-0,15. 21. Juni, Juli. Ii tuinen gekweekt, ook verwilderd.

Oranje havikakruid. + H. uuriiutiiicuni I. üenalve do duidelijker naar voren verbreede bladen en de grootere hoofdjes is er geei doorgaand verschil mei H. praten se.

5 Wortelbladen tijdens don bloeitijd niet meer voorhanden, daaventogoi draagt de stengel vele bladen, die soms aan bet onderste deel dicbi opeen staan en niet met wortelbladen verward moeten worden. ( Wortelbladen tijdens den bloeitijd bijna altijd voorbanden en groen Stengelbladen ontbrekend of aanwezig £

u jiiaueisie en bovenste bladen met breeden voet zittend of iets stengelomvattend (fig. 1486). Stengel krachtig, met verheven strepen , ruvv-behaard, dieht-bebladerd. Vruchten min of meer zwart. Omwindselbladen vrij breed. zwartgroen, gedroogd zwartachtig, kaal. Bloemkroon goudgeel. 0,30-1,20. 2).. Juli—Octr. Op muren en tusschen houtgewas. Zeldzaam. (H. boreale Fr.)

Boschhavikskruid. H. silvéstre Tausch. Stengelbladen aan den voet niet stengelomvattend, meest

T7orcmnl/1 J r»

j «niuuvi vi auilgCOlCOiU

7 Buitenste omwindselbladen min of nieer afstaand, met

omgebogen top, de binnenste breeder, stomp, alle gelijk van

, zwin luouug- oi vuugroen, meest kaal. Bloeiwijze scherm-pluimvormig of schermvormig. Stengel kaal of kortbehaard, dichtbebladerd (fig. 1487). Bladen stijf met versmalden voet zittend of zeer kortgestecld, lancetvorraig, vaak met omgerolden rand, gaafrendig of getand, vaak ruwgewimperd. Bloemkronen goudgeel. Stijlen meest geel. 0,301,20. IJ.. Juni—Herfst. Op open en grazigen zandgrond, in de duinen en in de heide. Vrij algemeen.

Scherm havikskruid.

H. umbellatum L.

i.. v i uil «

"77° umwiuuseiüiaaen aanilggena , Fig. 14ft- Hieracium umbellatum. ue binnenste spits, alle donkergroen,

met bleeken rand. Omwindsels cylindrisch-klokvormig. Bloeiwijze een schermvormige tros of pluim met veel hoofdjes. Stelen der hoofdjes rechtop-afstaand, naar boven vaak klierachtig. Stengel meest stijf, bijna kaal of behaard. Biaden lancet- tot lijn-lancetvormig, de onderste gesteeld of in den bladsteel versmald, de bovenste zittend. 0,60-1,20. 2J.. Juli, Augs. (H.

Fig. 14*7. Hieracium umbellatum.

Sluiten