Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

dat feest maken. Niet uit weelde of brooddronkenheid, integendeel, eerder omdat de tijden nóg zwaarder waren dan gewoonlijk. Maar ook, omdat ze gehoord hadden van den anti-Prinsgezinden geest, van de boosheid tegen het „Oranjebloed" en van beraamde nieuwigheden bij de schutterij ').

Doch als het dan wat worden zou, moest er geld zijn en dat hadden deze menschen natuurlijk nu allerminst; ze gingen dus langs de huizen der gegoeden en vroegen om „een kleinigheid voor't feest". Den 6den Maart begonnen deze inzamelingen ; onze schrijver heeft ze ook bij zich gehad en twee dubbeltjes gegeven, waarmee de vragers zeer tevreden waren, zoodat ze kalm weggingen. Dit laatste schijnt hem nog al meegevallen te zijn; „want", zegt hij, „er waren toch veel echte bedelaars onder, -zelfs van buiten". — De vurige Patriotten evenwel, die voor den Prins liever een scheldwoord over hadden dan twee dubbeltjes, werden bevreesd door dezen rondgang; ze riepen over aanstaande plundering en eischten versterking van politie en nachtwacht. In 't bijzonder werd beweerd, dat men het voorzien had op drie graanhandelaars (zeker in verband met de heerschende armoede). „De eene was", zegt onze schrijver, „zekere I. Hooft, zoon van een keurslijfmaker, die, met een ander geassocieerd, in den graanhandel gelukkig was geweest, maar die zich naderhand toch nog in de Maas verdronken heeft, uit ontevredenheid,

) De bekende plannen van Elzevier.

Sluiten