Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

Deze gevolgtrekking is echter wat al te mooi, om waar te zijn. Vooreerst Ijebben de Patriotten toenmaals nog moeilijk kunnen denken aan „de berugte staatscommissie", die pas 28 Augustus 1784 hier kwam, niet wegens den 8sten Maart 1783, doch wegens den 3^ April 1784. En ten tweede is van andere, betrouwbare zijde bekend ') dat er dien 8sten Maart w è 1 last bezorgd is aan sommige Patriotten; onze schrijver zelf erkent dit trouwens op een andere plaats, in zijn opstel „over den boekverkooper Krap en anderen". Hij zegt daar woordelijk: „Den 8sten Maart 1783 is er ook geweld gepleegd aan t huis van den boekverkooper Krap, uitgever en correspondent van de schandelijke Nederlandsche Courant, denzelfden Krap, die later, in 1795, commissaris of directeur is gemaakt van de Oost-Indische Compagnie in de Boompjes, maar daar spoedig om den drank weer uit is geraakt en daarna arm gestorven. Hier heeft de schrijver dus getoond, dat hij zich soms door zijn tegenzin tegen de „Patriotterij" heeft laten meesleepen, bij al zijne Hollandsche bedaardheid. Maar zoo heel erg is dit toch niet geweest, want waar is het, dat de Patriotten van 1783 de gebeurtenissen van den 8sten Maart geweldig hebben opgeblazen en — al was het niet te doen om een staatscommisie, dan toch om een ander duur en geruchtmakend speelgoed: een exercitie-corps. — Vóórdat nog de zomer van 't genoemde jaar in 't land was, zag men de Patriotsche

') B.v. uit Colenbrandcr's „Patriottentijd"

Sluiten