Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

die zaak bestudeerd heb, en met welk een werkelyk intellectueel genot, ik herhaal u genot, ik het rapport op het rekest aan den Koning en het vonnis heb gemaakt.

Arnold.

De kerel heeft er met pleizier aan gewerkt 1 De kerel heeft met pleizier myn vonnis gemaakt. Hy heeft er intellectueel genot by gehad, toen hy my ruineerde.

Vrouw Arnold.

(Tot de knechts, die aardewerk, dat zy uit de woning hebben gehaald, ruw neerzetten, zoodat er iets breekt.)

Gooi daar niet zoo mee! Moet het weinige, dat wy hebben, nog stuk ook... Gooi niet zoo!

(Neemt een voorwerp op. Schreiend:)

Dat heb ik nog van myn moeder. Nu is 't heelemaal kapot.

Schlecker.

Dan had je maar goedschiks den molen moeten ontruimen. Je had zelf je goed er uit kunnen halen; dan werd er nu niet mee gegooid.

(Tot de knechts:)

Vooruit maar! Donder maar neer! Ik heb nog meer te doen vandaag.

Berger.

(Tot Von Schmettau, Von Gersdorf en Neumann.)

Maar, mynheeren, moet dat nu volstrekt zóo? Moeten die menschen nu met dat armoedige beetje goed, voor de helft nog kapot gegooid, aanstonds broodeloos langs de groote wegen trekken ? Kan dit niet geschikt wor-

Sluiten