Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

kan heelemaal alleen over feiten van na de dagvaarding verklaren. Die kan ik als jurist niet verhoeren.

Heucking.

Ik ben geen jurist, en in myn intellect zyn dan ook geen elementen, die my belemmeren een zaak te onderzoeken. Én mynheer Berger én de Weduwe Poelchen worden gehoord.

Neumann.

Daaraan doe ik niet mee. Ik kan niet alle juridische regels met voeten trappen. Ik doe het niet. Ik doe het niet.

Heucking.

U zult toch moeten. Want wy moeten samen een rapport maken.

Neumann.

Dan maken wy niet samen een rapport. Dan maakt ieder voor zich maar een rapport. Wat my betreft, myn rapport is klaar. Twee menschen hebben kwestie. Wat ander rapport zal iir maken, dan dat ze moeten procedeeren ?

Heucking.

Maar uw rapport aan den Koning dan ?

Neumann.

Dat is myn rapport aan den koning. Volgens de wet is dc beslissing over zulke zaken opgedragen aan den rechter. Daar houd ik my aan. Ik houd my aan de wet.

(Tot Busch en Scheibier, die van rechts-achter opkomen.)

Verbeel jullie jel Mynheer Heucking wil getuigen hooren, die alleen kunnen verklaren over feiten van na de dagvaarding.

(Zy lachen alle drie.)

Sluiten