Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

Arnold.

(Een weinig gekalmeerd door de gestes van Heucking.)

Zy hebben er van gehoord, dat Uw Majesteit...

De Koning.

Nu, nu, zeg maar Frits! Zooals in de dagen van Hohenfriedberg.

Arnold.

(Opgewonden. De muziek wordt duidelyker.)

Frits, ze hebben gehoord, dat je de rechters in de gevangenis hebt gezet! Dat je my recht hebt gedaan! En nou komen ze, nou komen ze, wel duizend, mannen en vrouwen, om je te danken voor wat je doet voor het volk.

De Koning.

(Eerst een kleine pauze, waarin hy getroffen is door de woorden van Arnold. Daarna neuriet hy, vroolyk weer, de Hohenfriedberger-marsch mee. Vervolgens:)

Ik ben ook wel mal, dat ik my beroerd maak om die lamme juristen... Heucking, als je hier of daar van die lamme juristen tegenkomt, zeg dan, dat hun oude Koning ze allemaal met mekaar nog geen schot kruit waard vindt; dat hy, als hy tyd van leven heeft, ze allemaal met mekaar met muziek van de Hohenfriedberger-marsch naar den duivel zal jagen.

(De muziek is nu voor het paleis gekomen. De Koning gaat naar het raam, opent het gordyn. Geroep buiten: „Daar is Frits!" „Daar heb je Frits!" „Leve Frits!" „Leve Frits!"

De Koning groet met de hand.)

Heucking, kan je ook zien, wat ze daar gaan doen?

Heucking.

(Komt by het raam, kykt naar buiten.)

Ze versieren den lindeboom, Majesteit I

Sluiten