is toegevoegd aan je favorieten.

Karel van der Heijden

Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

maar de bezetting kon dit alles gerust afwachten: de heining was sterk genoeg en de onderaardsche gangen beschermden tegen de kogels. Dit alles doorzag Van der Heijden ook en hij besloot tot het eenige middel, namelijk de heining verbranden. Er werd brandstof gehaald, voornamelijk alang-alang (hoog gras) en boomtakken, die echter wel wat vochtig bleken te zijn, zoodat er veel inspanning vereischt werd, het vuur aan te houden. De manschappen, gekweld door een brandende zon en den gloed van het vuur, versmachtten van dorst. Om dien te lesschen moest er van zeer ver water gehaald en voorzichtig naar boven gedragen worden, terwijl een kleine hoeveelheid volstrekt niet voldoende was. Van der Heijden moest dus een gedeelte van zijn troepen missen, die voor het water moesten zorgen.

Eindelijk verdween de zon en werd het wat frisscher, maar wie op rust gerekend had, zag zich deerlijk bedrogen. In de verte bemerkte men een bende, die blijkbaar met de bezetting in verstandhouding stond, zoodat Van der Heijden vreesde, in den rug aangevallen te zullen worden. Hij zond dus om versterking en tevens om levensmiddelen, en zoo werd deze nacht in onrust en afwachting doorgebracht.

Des morgens trachtten drie belegerden te ontvluchten. Zij werden gedood, maar hun poging gaf Van der Heijden moed: in de benting scheen men dus niet

BROUWER, K. V. D. HEIJDEN. 2