Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

king om langs vredelievenden weg de oproerige hoofden tot erkenning van het Nederlandsch gezag te brengen. Zoo hoopte men dus zijn toevlucht nog niet tot de wapens te moeten nemen. Maar een ander gevaar dreigde. De Radja van Edi (op de Oostkust gelegen), sedert lang met ons bevriend, meende zich over de behandeling te moeten beklagen, die hij van eenige Nederlandsche ambtenaren ondervond. Terstond besloot Yan der Heijden die zaak persoonlijk te gaan onderzoeken en evenals altijd werd dit besluit dadelijk uitgevoerd.

De klachten bleken niet ongegrond en Van der Heijden moest het zeer in den Radja prijzen, dat deze zich niet bij de ontevredenen had aangesloten. Als belooning voor die trouwe vriendschap wist Van der Heijden te bewerken, dat de Radja ridder werd in de orde van den Nederlandschen Leeuw, een onderscheiding die door hem zeer op prijs werd gesteld.

Van zijn verblijf te Edi maakte Van der Heijden gebruik om een vergadering te beleggen met de verschillende hoofden van de Oostkust en in hun gesprekken wist Van der Heijden 7.60 duidelijk te doen uitkomen, hoezeer hij op de hoogte was van alle aangelegenheden aldaar, dat hij in aller achting en aanzien niet weinig steeg. En de bevolking aan de Oostkust? Zonder gewapend geleide doorkruiste

Sluiten