Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

landsche gezag nu erkend. Thans achtte Van der Heijden den tijd gekomen om den Atjehers te toonen, hoe zij bij onderwerping op een goede behandeling van onze regeering konden rekenen. Wel wetende hoe de inboorlingen gesteld zijn op het bezit van een prachtigen tempel, wist hij te bewerken dat op den 9en October 1879 de eerste steen gelegd werd van een Missigit te Kota-Radja, die geheel voor rekening van het Gouvernement zou gebouwd worden. Ongeveer zes duizend Atjehers waren voor die plechtigheid te Kota-Radja bijeengekomen. In de Maleische taal, die Van der Heijden even vlug sprak als het Hollandsch, hield hij tot de verzamelde menigte de volgende toespraak:

„Radja's, Hoeloebalangs, Imams, Katoewah's, Wakils, Ketjihiks, Oelama's en bevolking van Atjeh en Onderhoorigheden!

U allen, hier verzameld roep ik het welkom toe. Getrouw aan de belofte, U, zooals Gij U herinneren zult, door de vertegenwoordigers der Nederlandsch-Indische Regeering gedaan, om Uw Missigit Raja weder te herstellen, zijn wij thans hier vergaderd om het feest van hare eerste steenlegging te vieren.

Gij ziet in de vervulling dezer belofte weder een vernieuwd en handtastelijk bewijs van onze

Sluiten