Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

Sonnenfels dingen zeggen, die Sacher-Masoch zeker niet had kunnen droomen, dat haar in den mond zouden worden gelegd.

Ik laat hier eenige dier vermakelijke inlasschingen volgen.

,/Ik zie, dat gij een braaf man zijt, een eerlijk man, iemand die op zedelijkheid gesteld is ... . daarmede hebt ge mijn hart gewonnen. Bescherm de moraal, Sonnenfels, de moraal, weet ge, de ware zedelijkheid! Wijd uw pen aan zedigheid, kuischheid, ingetogenheid, matigheid, huiselijkheid, en vooral .... aan huwelijkstrouw. De echte-staat is de grondslag der maatschappij. Duld in dat opzicht niet de minste afwijking van plicht, trouw, deugd en eer. Ontzie niemand, Sonnenfels .... ook niet hooggeplaatsten . . . . zelfs niet de hooger geplaatsten, ja zelfs de allerhoogst geplaatsten niet. Wie den troon bekleedt, is aan zijn volk een voorbeeld schuldig, en waar vorsten misdoen ..."

... .//Maria Theresia gaf haar goedkeuring te kennen met een knik, die tevens voor afscheid dienen kon. Zoo nam dan ook Sonnenfels de beweging die zij met het hoofd maakte, op. Hij verliet het vertrek, en stond reeds in de deur-post, toen Maria Theresia hem staande hield met de woorden :

//Huwelijkstrouw, weet ge, d&t is de zaak ! Schrijf daarover . . . het kan niet te kras !"

Sonnenfels boog en vertrok.

De groote keizerin was alleen, en geschiedschrijvers zijn noch alwetend, noch onbescheiden. Maar mocht het ons vergund zijn te gissen, wat er omging in haar hart, dan zouden we niet ongeneigd zijn de meening te koesteren, dat ze op het punt heeft gestaan, den bekwamen auteur nog eenmaal terug te roepen om hem met keizerlijken nadruk in het oor te donderen :

L

Sluiten