Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

EB EB INLEIDING. m ES

EINIGE weken na den dood van mijn vriend P. L. Tak, schreef Dr. H. E. van Gelder, een der jongeren voor wien Tak veel was geweest, mij over een plan om een keuze uit zijn Kroniek-artikelen in een bundel te verzamelen.

Er sprak in het voorstel de behoefte van

velen om niet voor goed van Tak afscheid te nemen. Het plan wilde zeggen: velen voelen een groote leegte: Zij missen de Kroniek. Geef hun althans een herinnering van wat Tak's artikelen voor hen zijn geweest.

Zoo wil deze bundel niet vooral en niet in de eerste plaats zijn, een verzameling van stukken goed proza, van voortreffelijke journalistiek. Doch een gedachtenis aan den schrijver: een poging voor die hem missen om iets van zijn persoonlijkheid te doen voortleven, iets van de bekoring te behouden die uitging van zijn werk.

Er is nog ander werk van Tak, dan zijn artikelen in „De Kroniek". De lezer vindt er in dezen bundel de opsomming van. Er is sterk werk in de .Nieuwe Gids": de opstellen over politiek. Er zijn enkele andere tijdschriftartikelen. Er zijn de bijdragen over „Bebel en Liebknecht" en over „Henry George" in de serie „Mannen van Beteekenis". Later zijn artikelen in de „Nieuwe Tijd". Er zou ook uit zijn dagbladartikelen in „Het Volk" een en ander voortreffelijks zijn te bewaren.

Doch „De Kroniek" geeft van zijn werk het karakteristieke, het persoonlijke. „De Kroniek", men weet het, was bij de oprichting in 1895 het orgaan van een „beweging", of wat men er voor hield. Zij werd na enkele jaren, bleef het vrijwel tot het einde, het orgaan van den persoon P. L. Tak.

Sluiten