Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

Maar wie door deze vermomming van uw klassebelang van de wijs moge worden gebracht, en wie door het gekrijsch uwer verwijten zich moge laten overstemmen, niet wij. We zijn er nog, schreef ik onlangs, en ik herhaal het. We staan tegenover u, even verzekerd van ons goed recht, en meer uitdagend dan ooit.

9 Mei 1903.

103 B9 EEN KERSTFEEST. ES ra

SINDS meer dan vier maanden is in Crimmitschau, een fabrieksplaats in Saksen, een conflict tusschen de arbeiders die den tien-urigen arbeidsdag willen verwerven, en de fabrikanten. Het werk staat er stil. De werkgevers dachten in den aanvang dat eind October weer alles in orde zou zijn, en dan zou hun schade wel te dragen zijn geweest. Maar de arbeiders houden vol, en nu komt er voor de werkgevers een gevaar. Zij hebben een specialiteit van cheviotte en kamgaren en van fluweel-bukskin, waarvoor ze vaste afnemers hebben. Dezen moeten echter voor winter- en zomerseizoen op den juisten tijd hun stoffen ontvangen, en dat loopt nu mis.

Het verbond der werkgevers heeft besloten de collega's te Crimmitschau metterdaad te ondersteunen en stelde al wat geld beschikbaar. Maar individueele werkgevers zien hun voordeel, en zenden hun reizigers naar de clienteele der stilstaande fabrieken. Ook adverteeren zij om knappe voormannen uit Crimmitschau aan hun fabrieken te verbinden. Men ziet den toestand met éen oogopslag.

De zaak der arbeiders vindt instemming bij hun medearbeiders in Duitschland, die hen krachtig steunen. Nu grijpen de fabrikanten naar den laatsten en immer willigen steun: de regeering en de politiemacht. Het is in Crimmitschau, niettegenstaande er „onderkruipers" zijn, zeer stil en rustig

Sluiten