Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

Nu volgen oefeningen in het opnoemen in volgorde van de klanken, waaruit bovengenoemde woorden bestaan, dus: nu eerst gaan we over tot het eigenlijke ontbinden.

Voor de oefeningen zie men het bijzonder gedeelte.

§ 31. Nog enkele opmerkingen ten opzichte van sommige letters vinden hier een plaats.

Onder hetgeen de onderwijzer opgeeft, om oo of ee te zoeken, moeten woorden als oor, moor, leer, niet genoemd worden, omdat leerlingen, die goed luisteren, daarin geen oo of ee zullen hooren. maar een klank, die er eenigszins van afwijkt.

Geven bij de toepassing, de leerlingen zulke woorden uit zich zelf, dan behoeven ze natuurlijk niet afgekeurd te worden.

De afwijking in klank is bij deze letters niet zoo heel groot. Anders echter wordt het, wanneer zich afwijkingen voordoen, zooals bij visch, hoed, oog e. d. Die mogen niet gegeven worden om er sch, d, of g uit te leeren kennen.

En als het lezen van woorden als tafel, boter, hand aan de orde moet komen, dan moet de oefening in het ontbinden niet voorafgaan.

Woorden, waarvan de spelling afwijkt van de uitspraak, worden niet ontbonden voor men ze laat lezen.

Omdat het wenschelijk is. het ontbinden zoo lang mogelijk vol te houden, moet er bij de rangschikking der leesstof gezorgd worden, dat woorden, wiei uitspraak afwijkt van de schrijfwijze, eerst aan de orde komen, wanneer er geen eenvoudiger oefeningsstof meer beschikbaar is. In de „leesboekjes" worden die afwijkingen dan ook pas behandeld in het 5e en 6e stukje.

De verwante medeklinkers ge\*en bij de oefeningen in het ontbinden en bij het opnoemen van woorden ook soms aanleiding tot moeilijkheden.

Slordige sprekers hooren b.v. niet altijd het verschil tusschen

Sluiten