Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

laten hooren. Al is men dan ook in staat dit bij langzaam spreken te doen, in het gewone gesprek schiet de lenigheid van de tong herhaaldelijk te kort.

Daarom is het aan te bevelen zich in de juiste uitspraak der r voorloopig alleen te oefenen bij zingen, voorlezen en bij het opgeven van dictée's. Dan toch worden de woorden zoo langzaam uitgesproken, dat men baas kan blijven over zijn spraakorganen.

Bij bovengenoemd spraakgebrek is vrij lang stil gestaan, omdat het afleeren er van vooral voor onderwijzers van veel belang is. Vooreerst ter wille van hun gezondheid: hoe minder letters met het achterste gedeelte van den mond worden gevormd. des te minder vermoeiend is het spreken. En dan met het oog op het onderwijs: de tong-r doet de woorden, waarin ze voorkomt, veel duidelijker uitkomen dan de keel-r. waardoor de onderwijzer beter te verstaan is, wat bovendien weer indirect hem zelf ten goede komt, omdat hij dan zachter kan spreken.

Waar we reeds wezen op de inspanning en volharding, die het een brouwend onderwijzer kost. als hij zich dit gebrek wil arteeren, is het te begrijpen, dat we niet veel hoop hebben op een goeden uitslag van pogingen in dezen aangewend bij jonge kinderen.

Toch kunnen daar enkele gunstige factoren meewerken. Bij het jonge kind zijn de spraakorganen nog niet zoo gewoon geraakt aan — men zou hier kunnen spreken van gevormd tot —- bepaalde bewegingen en standen als bij ouderen. Daardoor kunnen die organen nog vrij spoedig zulke wijzigingen in stand en beweging aannemen als noodig zijn om de spraak te veranderen. Merkwaardig is het, hoe jonge kinderen, bij verhuizing naar andere plaatsen, telkens en telkens weer van hun nieuwe kameraadjes de plaatselijke uitspraak overnemen. Bij oudere kinderen doet zich dit verschijnsel veel minder voor.

Die geschiktheid tot wijziging van de uitspraak kan dan ook een machtigen steun geven. Veel meer mogen we dien

Sluiten