Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

32. NIJVERHEID EN HANDEL.

Goedkoope brandstof te kunnen krijgen, is voor een fabriek van het hoogste belang. Daarom bloeit de nijverheid vooral in streken, waar steenkool in den grond voorkomt. Levert dezelfde bodem nu ook nog ijzer op, dan heeft men meteen een goedkoope g r o 11 d s t o f, om die in de fabrieken te verwerken. Men richt dan ijzerfabrieken op en fabrieken voor het vervaardigen van allerlei machines. In zulk een gunstigen toestand verkeeren de streken langs de Ruhr, waar in de fabrieksstad Essen allerlei wapens, kanonnen, spoorbruggen en groote machines vervaardigd worden.

Streken, zoo gunstig voor de nijverheid, vindt men in Duitschland nog meer en ook in Oostenrijk, in 't Z. van België en in 't N.O. van Frankrijk. Maar nergens is de bodem zóó rijk aan steenkool en ijzer als in Groot Brittannië. Engeland is dan ook het eerste fabrieksland der aarde. De eene fabrieksstad is er al grooter dan de andere.

Niet alle fabrieken in Groot-Brittannië en langs de Ruhr zijn echter ijzerfabrieken. Men verwerkt er allerlei g ro n d s t o f fe n , b.v. wol, vlas, zijde. Er zijn lakenfabrieken, linnenfabrieken, zijdefabrieken enz. En nu begrijpt ge wel, dat een fabriek het goedkoopst zijn waren in den handel kan brengen, wanneer de grondstoffen in de buurt zijn te krijgen. Lyon b.v., Erankrijks 2e stad, fabriceert in hoofdzaak zijde en fluweel, want het ligt dicht bij een steenkolenstreek, en in den omtrek doet men overal aan zijderupsenteelt.

R. BOS, Voorlooper van „Buiten Nederland3

Sluiten