Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

commissionairs in wijnen, na de Napolitaansche facchini zeker de indringendste en onuitstaanbaarste menschensoort waarmee men in een zoogenoemd beschaafd land kan worden gekweld.'

„Ze zijn lastig, dat stem ik toe!" zei van Yelzen lachend, „maar ik merk waar je heen wilt, heer Smilders! — Gij neemt een aanloopje, om ons een van uw Italiaansche avonturen op te disschen."

„Gij vergist u, amice, daar ben ik nog niet aan toe; er school geen krijgslist in mijn uitval."

„Geneer je niet, Smilders, wij luisteren gretig," voegde George Warens hem toe, „ze zijn altijd komiek en voor mijn vriend Witgensteyn nog fonkelnieuw."

„Ik geneer me nooit, en daarom verklaar ik ronduit dat ik niet van zins ben mij met vertellen te fatigeeren. Ik liet eenvoudig carré formeeren uit vrees voor invasie...."

„Met uw permissie," viel Warens in, „als men carré formeert, presenteert men den vjjand front; gij daarentegen legt het zöö aan, dat wij hem den rug toekeeren — en dat nog wel de gewapende macht!"

„Het doet er niets toe, George, als we het doel maar bereiken met onze manoeuvre; en nu, laat mij met rust met uwe critiek; ik werp mij niet op als legerhoofd; ik wil alleen het volle genot hebben van mijne cigaar, mijne koffie en dezen exceptioneelen avond, zooals ons afgrijslijk klimaat er geen drie in een zomer oplevert. Ik houd van mijn land. Het bewijs daarvoor is... dat ik hier zit; maar toch ken ik niets akeligers dan een guren Hollandschen zomer, waarbij alleen kikvorschen en eenden in hun element zijn."

„Gij mankeert de slakken en de waterrotten, die een geprononceerd zwak hebben voor regen en stortbuien, volgens Cuvier, zou de schoolmeester zeggen," plaagde een der jongelieden.

„En ik geef nog niet eens toe, dat de kikvorschen zoo bijzonder op koud, vochtig weer gesteld zijn; of hoort men ze niet van blijdschap kwaken, als ze eens een mooien, zonnigen dag vóórgevoelen; zelfs voor amphibieën moet het eeuwige einerlti van drassige gronden en moerasdampen onuitstaanbaar zjjn," beweerde Karei Zegers, die, om te worden wat hij nu was: agent voor

Sluiten