Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

„Om nooit te vergeten, dat is waar, maar ons standpunt verschilde nogal, van Zr. Ms. oorlogsschip de Kortenaar, een driemaster van zoo eerwaardigen ouderdom, dat wij iederen dag in perikel verkeerden om met de verrotte planken naar de blauwe wateren te dalen, en dan, jongste adelborst, onder een commandant, die de discipline tot pretext neemt, om zijn kwade luim te boeten; die geen drie woorden wist te zeggen, zonder ze kracht bij te zetten op zijne wijze, door een... knoop; voor ons jonge officieren een afschrikkend voorbeeld, en dat goed werkte, ik verzeker het u; maar toch ziet gij, onder zulke omstandigheden verliest het azuur nogal iets van zijn bekoorlijkheid."

„Gij hebt het toen niet gelukkig getroffen, dat is duidelijk, want ik heb juist aan de Middellandsche zeekust scheepsgezagvoerders leeren kennen, die charmante menschen waren, en die er zich bepaald op toelegden, om het hunne infcrieuren aangenaam te maken."

„Zoo zijn er, ik weet het, en over 't algemeen hebben wij tegenwoordig bij ons korps op dit punt niet te klagen; maar er zijn uitzonderingen, van die oude ongeciviliseerde zeebonken, die 't ons jongelui eigenlijk kwalijk nemen, dat wij op andere wijze voor ons vak gevormd zijn dan zij zeiven, en die hun gemis aan kennis, aan beschaving, op hun jonge officieren wreken door een gebruik van hun gezag, dat in misbruik ontaardt; en wie het ongeluk hoeft zulk eene uitzondering te treffen, komt van eene slechte reis, dat verzeker ik u, of men hem naar de liefelijkste kust van 't zuiden zendt, of naar de noordpool!"

„Maar zóó slecht heb je het toch niet altijd getroffen, mijnheer?" vroeg Smilders meewarig.

„Niet, wat mijn superieuren aanging, maar toch toen ik luitenant werd, hebben ze mij naar Indië gezonden en daar drie jaren lang in den Archipel laten rondzwerven, totdat ze eindelijk begrepen dat ook de Zeehond te wrak werd, om zjjn tanden te laten zien als er iets mee uitgevoerd moest worden. Er kwam order om met dien bodem naar 't vaderland te retourneeren, en 't is nog heel mooi dat wij het er tot Hellevoet mee gebracht hebben zonder te zinken! Nu is 't stomme beest, Goddank, voor goed buiten dienst gesteld, de bemanning afbetaald en uit elkaar ge-

Sluiten