Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

„Juist dit, wat ik deze heeren wilde betoogen, dat gij het naaste recht hebt op 't geen onze stad u op dit chapitre heeft aan te bieden."

„Dat stemmen wij nog niet toe," riep de ontvanger met alle jongelieden in koor.

„De gastvrijheid, de welwillendheid jegens een vreemde reeds schrijft u dat voor, al hadt gijlieden ook als ingezetenen de eerste rechten gehad, daar, zoover ik weet, niemand uwer zich nog de moeite heeft gegeven die te laten gelden."

„Zoover gij weet; wie zal biechten als hij een blauwtje heeft geloopen ?" zei Karei Zegers, de Germaan die zich zelf mogelijk verried.

„De dame, die een burger jongmensch een blauwtje heeft laten loopen, leeft mogelijk in de stille verwachting dat er blinkende épaulettes uit de nevelen der toekomst zullen opdagen. Ik ken onze meisjes en ik weet heel goed welke emoties eene garnizoensverandering bij haar teweegbrengt; van de nu aanwezige officieren der landmacht hebben ze niets te wachten, of durft een van u beiden dat tegenspreken?"

„Ik niet; mijn dikke kapitein, die met zijne zuster samenwoont, leeft bij de flesch; mijn vriend öeorge Warens is geëngageerd met eene dame buiten de stad, en ik zelf, ik sta, sinds mijn laatste studiejaar te Breda, vast in 't beginsel van niet te trouwen voor ik den kolonelsrang heb verworven, en dan rond te zien naar eene geëmancipeerde dame, die mij desnoods bij het regiment kan vervangen," sprak de jongste tweede luitenant.

„Mooi zoo! gij ziet, heeren, dat onze dames voor ditmaal aan de marine worden prijsgegeven, en mijnheer Eckbert van Witgensteyn, die Zr. Ms. zeemacht hier te stede vertegenwoordigt, heeft bijgevolg eene goede kans. Ik, die wel niet de oudste van 't gezelschap ben (met een ondeugenden zijblik op van Velzen), maar toch onder u allen het oudste burgerrecht heb in onze vermaarde stad, die gelukkig niet eigenlijk eene groote stad is, ik, die hier alle beminnenswaardige en ook niet beminnenswaardige burgeressen persoonlijk en met naam en voornaam ken, van de meeste harer de antecedenten en relatiën op mijn duimpje weet, en nog bovendien de door haar aan te brengen fortuin tot een cent weet te

Sluiten