Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

aan die te bestrijden; zij dacht aan niets dan zich genoeglijk te laten meevoeren door den invloed, dien zij onderging. Zoo zij zich daarnevens nog over iets bekommerde, was het mogelijk over het effect dat zij zelve op hem maakte. Zoo dat niet gunstig mocht zijn, haperde het althans niet aan haar toilet; toegevende aan het verlangen van Emma, die, zooals zij zich uitdrukte, «zoo graag met hare vriendin pronkte", had Regina zich bij deze gelegenheid prachtig gekleed en het paarlsnoer omgedaan, dat tot haar c'crin behoorde. Het bestond uit drie rijen zeldzaam groote en door vorm en helderheid ongemeen kostbare paarlen. Het was een sieraad, dat menige vorstin kon benijden, en het spreekt vanzelf, dat het in dezen kring aller opmerkzaamheid tot zich trok. Regina had tot hiertoe geen lust gehad het te dragen, maar nu zij het om had, stond het haar heel goed. De slanke hals, zoo gedecolleteerd als de mode hel te dier dagen en bij een statig diner voorschreef, eischte wel wat sieraad, en de heldere glans der paarlen, deed haar tint werkelijk goed, terwijl de donkere oogen er te schitterender bij uitkwamen. Zij droeg daarbjj een kleed (men droeg toen nog geen kostumes) van zachte, lichtgroene zijde, vert printemps, dat aan de teere lenteblaadjes deed denken, en waarover een zilverachtige glans lag, die nog verhoogd werd door de zijden blonde, waarmee het was versierd. Ook door de zware zwarte vlechten waren paarlen geslingerd van minder allooi, terwijl zij paarlknoppen in de ooren droeg, hetgeen een geheel vormde, dat de scherpste critiek der benijdende dameswereld kon doorstaan; maar deze, die haar nu omringden, dachten slechts aan bewonderen; en wat de heeren betrof, hunne aandacht werd wel een weinigje afgeleid door zekere berekeningen van de vermoedelijke waarde dier ongemeen rijke parure. Graaf Stanislaus alleen scheen daar niet aan te denken. Hij maakte zijne dame geen enkel compliment over haar smaakvol toilet, maar hij toonde zich aangenaam verrast, dat zij gemakkelijk Duitsch sprak, en niet, zooals de meeste dames, de conversatie tegen hem voerde half in het Hollandsch, half in gebrekkig Fransch; dat hem nog meer ergerde, bekende hij haar „in vertrouwen," dan dat ze maar rustig bij hare moedertaal waren gebleven.

„Och, ziet gij, ik ben genoeg cosmopoliet om met pleizier Fransch

Sluiten