Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

ververschingen presenteerde. Zij nam wat ijs; maar toen zij tegelijk naar een glas ijswater greep, verbood Stanislaus dat, als te gevaarlijk, en dwong haar eenige droppels marasquin te gebruiken.

Het trof haar, dat hij zooveel kleine attenties voor haar had, terwijl zij zulke slechte gedachten van hem koesterde. Kon hetook laster zijn, die op hare neiging tot wantrouwen speculeerde, om haar tegen den graaf in te nemen; de wangunst, de jaloezie was tot alles in staat. Mocht zij Stanislaus veroordeelen zonder hem gehoord te hebben, alleen op aantijging van een onbekende, die zich achter het scherm der anonymiteit verborg; zij wilde het niet; zij wilde sterk zijn en onderzoeken en de waarheid weten, het kostte wat het wilde; maar nu, onverwijld; de onzekerheid was een al te zware last. Uit zichzelve rees zij nu op met dat kloek besluit.

„Ik zie het u aan, gjj gevoelt u beter, de verkwikking heeft u goed gedaan," sprak hij vergenoegd; „nu schielijk het masker weer voor, en dan naar de rustige wijkplaats, die ik voor u heb gevonden, waar wij ongestoord zullen zijn, en dat is mij noodig, want ik heb u wat te zeggen ..."

„En ik u ook," hernam zij met zekeren nadruk.

Hij bood haar den arm, dien zjj nu zonder tegenstreven aannam. Hij voerde haar zwijgend door een corridor, en daarop eene zijtrap af, die naar beneden liep, langs de kamer van den concierge.

„Is het noodig, ons zoo ver van het gezelschap te verwijderen vroeg zij, terwijl zij aarzelend en onwillig bleef staan.

„Als wij het bedoelde onderhoud willen hebben, zie ik er niets anders op; alleen wikkel u wat dichter in den boernoes, want het is hier tochtig, en gij rilt van kou."

„Neen, dat is niets; maar ik ben wat ongerust... wij zjjn hier beiden vreemd en ..."

„Ik hier vreemd! waar ik dageljjks mijne partij biljart kom spelen, waar alle bedienden op mijne wenken vliegen? ik ben hier evengoed thuis als mijnheer Wijnands, al heb ik niet, als hjj, de vrijheid om over de coramissariskamer te beschikken! Ja! ja! gij ziet dat ik het weet, hoe hij daar zijne aparte met u gehad heeft, en gij zult straks moeten opbiechten, want hij heeft u tegen mij ontstemd, dat is zeker; in de laatste dagen vond ik hem

Sluiten