Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

tot zoo rustig samenzijn, niet meer op het apropos zelf. Mevrouw had er zich meer van voorgesteld; Mathilde ook had op een hoofdstuk uit een sensatie-roman gehoopt; de stille moreele krachtsinspanning, de volharding, die er toe behoorden om menschen, die lang en vinnig met elkaar hebben getwist, elkander hebben benadeeld en geplaagd, weer tot elkaar te brengen, had hare nog onrijpe bevatting niet getroffen, en ik, die alles had gevoeld, die het als 't ware mee had doorleefd, ik durfde er niet weer op terugkomen, zelfs al had zich daartoe de gelegenheid aangeboden, uit vrees meer belangstelling te laten blijken dan voorzichtig was.

En nu moet ik afbreken; er wordt een pakket naar Genève gezonden, waarin ik mijn wichtigen brief mag insluiten; neem dus een kort einde voor lief van.

Uwe

Februari. E. v. B.

REG1NA VAN BERCHEM AAN MEVROUW DESVANNES TE GENÈVE.

Mijn goede Martha!

Daar gij zoo verlangend zijt te hooren hoe het verder ging tusschen Eekbert en mij, ga ik voort met mijne mededeelingen, zonder meer voorafspraak.

Er verliepen eenige dagen, zonder dat wij dames iets van Witgensteyn hoorden of zagen. Vragen durfde ik niet, en de beide andere dachten er niet meer aan, toen op zekeren morgen, terwijl ik met mijnheer aan het ontbijt zat, de kamerdienaar, die ongetwijfeld daartoe order had, hem onaangemeld binnenliet. Hij had vast verwacht, terstond bij den minister in diens kabinet geïntroduceerd te worden, want hij sprak met een blik van bevreemding die mij gold:

„Ik zal Uwe Excellentie verkeerd hebben begrepen; ik bemerk dat ik te vroeg kom!"

„Volstrekt niet, mijnheer! gij zijt precies op uw tijd. Ik gaf dit uur aan, omdat ik dan het zekerst ben van den mijnen; zóó

Sluiten