Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

mijne voeten en mij met verlamming, met wezenloosheid trof. Ik bleef roerloos zitten, onmachtig een woord uit te brengen; daarbij, wat kon ik zeggen ? Eckbert deed wat hij gedreigd had: hij oefende zijn recht van vergelding; dat hij het juist toepaste met dezen man tot getuige, scheen mij eene wreedheid, die mij te pijnlijker trof, daar ik op gansch andere uitkomst had gerekend. Ik had eene gewaarwording of ik in een ijsbad werd gezet, en of er iets van glad, scherp staal langs mijn rug gleed. Toen Desdemona onder de harde bejegening van Othello ter aarde viel, wist zij haar toestand niet anders te schetsen dan met dit woord:

„Faith half aslecp /"

Zoo was het met mij; mat, versuft, onbekwaam tot weerstand, maar toch onbestemd gevoelend dat ik geen recht had tot verwoer, dat ik nü boeten moest voor de oude schuld, zat ik neer met gebogen hoofd en samengeklemde handen, als eene veroordeelde, die haar vonnis moet aanhooren.

De baron was doodsbleek geworden en stond op als met een schok.

„Gij weet alles van mjj, en gjj beleedigt haar in mijn bijzijn!" voegde de baron hem toe op den toon van smartelijk verwijt.

„Juist omdat ik alles weet, baron. Ik beleedig Regina van Berchem niet! ik geef terug; wat ze mij deed, doe ik haar. Ik heb het recht zóó te handelen, en als gjj dat recht betwist, ben ik bereid u onder ... vier oogen alle ophelderingen te geven, die gij zult verlangen ..

De schrik hergaf mij het spraakvermogen.

„Een duel!" riep ik; „wat ik u bidden mag, heeren, geen duel om mij 1"

„Het zou immers het eerste niet zijn!" beet Eckbert mij toe.

„Wees gerust," sprak de baron tot mjj gewend; van zoo iets kan geen sprake zijn tusschen mijnheer Witgensteyn en mij." Daarop tot Eckbert: „Als gjj verlangt dat ik dit onderhoud... opgeef, zullen wij samen heengaan ..."

„Gij zijt oen vrij man, baron! ik heb u alleen voorzegd waaraan gij u waagt."

Sluiten