is toegevoegd aan uw favorieten.

De voeding van het kind in het eerste levensjaar

Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

Pfaundlek kwam op grond van zijn onderzoekingen tot de conclusie, dat de maag van borstkinderen gemiddeld een geringere capaciteit heeft dan die van fleschkinderen. De capaciteit van gezonde magen vond hij kleiner dan die van functioneel of anatomisch zieke magen. De capaciteit staat in omgekeerde verhouding tot rekbaarheid en elasticiteit. Zij is ook bij het gezonde kind een functie van de pyloruswijdte (nauwe pylori bij groote capaciteit en omgekeerd). De relatieve capaciteit d. i. de verhouding der maagcapaciteit tot de truncuslengte (truncuslengte is de afstand van den bovenrand van het manubrium sterni tot den bovenrand van de symphyse) neemt in de eerste levensmaand zeer snel toe en daalt dan weei. De ïekbaarheid is bij de geboorte gering, klimt tot het einde van het eerste levensjaar en neemt dan weer af.

Pfaundler vulde deze onderzoekingen nog aan, door ook bij levende kinderen de zoogenaamde vitale capaciteit volgens een bijzondere methode met behulp van inblazing van lucht te bepalen, waarbij hij zich eerst overtuigd had, dat geen lucht door cardia en pylorus ontweek. Daarbij kreeg hij bij denzelfden druk veel kleinere cijfers dan de zooeven meegedeelde bij uitgesneden lijkenmagen. Waar de maag in het lijk bij verschillende individuen verschillende graden van contractie vertoont, is het onmogelijk uit de daarbij gevonden cijfers met beslistheid conclusiën te trekken omtrent de capaciteit der

maag tijdens het leven.

Men heeft terecht groote waarde gehecht aan de capaciteitsbepaling van de maag als een maatstaf voor de grootte deiafzonderlijke maaltijden bij de kunstmatige voeding. Het moge waar zijn, dat een kind nooit zooveel drinkt, dat zijn maag mathematisch volgepropt is met melk, terwijl ook de mogelijkheid niet kan worden ontkend, dat nu en dan, vooral bij trage drinkers, een gedeelte der melk tijdens het zuigen uit de maag in het duodenum afloopt, toch hebben de voor de maagcapaciteit gevonden cijfers in zooverre groote praktische beteekenis, dat den zuigeling in geen geval grootere volumina