is toegevoegd aan uw favorieten.

De voeding van het kind in het eerste levensjaar

Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

stilzwijgend heeft aangenomen, dat deze waarden betrekking hebben op normale zuigelingen van gemiddeld lichaamsgewicht. Heubner heeft dit gedaan in den vorm van het zoogenaamde energie-quotient, waaronder men verstaat het aantal caloriën, dat per etmaal en per K.G. lichaamsgewicht door den zuigeling wordt opgenomen. Bij een reeks van normaal gedijende zuigelingen vond hij, dat van de 3e week tot ongeveer het einde van de 6e maand het energie-quotient 100 bedroeg, om in de latere maanden tegen het einde van het le levensjaar geleidelijk af te nemen. De verbrandingswarmte van 1 Liter vrouwenmelk was hierbij door Heubner op 650 caloriën berekend. Volgens Sciilossmann en Gregor is die verbrandingswarmte echter hooger nl. 782 caloriën. Dientengevolge komt Schlossmann tot een energiequotient van 110 als optimum.

De met koemelk gevoede zuigeling zou een grooter energiequotient noodig hebben om gelijken aanwas te verkrijgen, ofschoon volgens Kubner's en Heubner's stofwisselingsproeven de „ Ausnutzung" van koemelk even goed is als die van vrouwenmelk. De kunstmatig gevoede zuigeling moet echter heteroloog in homoloog eiwit omzetten, d. i. hij moet een uit een biologisch oogpunt aan het menschelijk lichaam vreemd eiwit tot een aan het menschelijk lichaam eigen eiwit verwerken. Wassermann noemt dit een .biologische Mehrleistung."

Niet allen, die over dit onderwerp hebben geschreven, zijn het eens met de door Heubner aangegeven waarden. Zoo constateerden Cramer en Gaus bij neonati een voldoende toeneming van het lichaamsgewicht, terwijl het energiequotient slechts 35—40 bedroeg. Men kan echter hiertegen aanvoeren, dat de stofwisseling van den neonatus eigenlijk op zich zelf staat, dat bij hem de toeneming van het lichaamsgewicht voor een deel ook uit het water van het voedsel wordt verkregen, terwijl de moeder haar kind bij de geboorte een bepaalde hoeveelheid voedingsstoffen en zouten heeft meegegeven.

Verder is gebleken, dat de getallen van Heubner voor