is toegevoegd aan uw favorieten.

Middeleeuwsche bibliotheken

Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

boeken gelegateerd, voor men in 1393 besloot eene afzonderlijke boekzaal op te richten. Daar vele boeken uitdrukkelijk voor de arme scholieren geschonken waren, had men nu twee bibliotheken te gelijk, waarvan de eene, die „des écoliers', vooitdurend boeken uitleende, terwijl in de andere de boeken geketend werden (Ibibliotlièque de Vêglise). Niettegenstaande dat verdwenen er toch voortdurend boeken uit de bibliotheek, zoodat men in 1429 besloot nieuwe ketens aan te schatten en de dieven, die de gestolen boeken niet vóór een bepaalden datum inleverden, in den ban te doen. Men vroeg den cardinaal de Sainte-Croix van Jeruzalem, toen te Parijs vertoevende: „des sentences pontificales contre les vuleurs et les détenteurs des livres appartenant a Vêglise" — doch des ondanks bleef het stelen aanhouden, zoodat men in 1445 besloot een aantal sleutels van de boekerij op te vragen. Kwamen er weder nieuwe erfenissen uit boeken bestaande bij, dan liet men gewoonlijk weer een of meerdere lectrijnen erbij zetten; zoo b. v. toen in 14<3 Guillaume Chartier, bisschop van Parijs, stierf, die 13 boekdeelen aan de librije der Nótre-Dame naliet. Deze werden geplaatst op twee pulpitris ligneis, ad arma ejusdem revermdi patris, en met ketens bevestigd'). Dat men in Frankrijk, ook lang na de uitvinding der boekdrukkunst, het ketenen der boeken beschouwde als iets, dat van zelf sprak, bewijst het feit, dat de Faculté de Médicine eerst in 1500 besloot daartoe over te gaan. In 1770 waren die ketens nog aanwezig2). En ontmoetten wij boven één College, waar men tenminste de Missalen in de kapel van het ketenen uitzonderde ('t Coll. du Plessis), elders, in 't Collége de Marmoetiers b. v. schreven de statuten uitdrukkelijk voor: „omnes libri, existentcs in capella pro servitio divino, incathenentar in eodem capella"3) en in het College d'Autun waren zelfs de brevieren geketend *).

Bezat Parijs dus vóór liet jaar 1500 reeds een goed aantal bibliotheken, ingericht naar de eischen, welke men in die dagen aan eene goeile boekerij stelde, het spreekt van zelf, dat er nog tal van andere waren, waaromtrent geene documenten bewaard bleven, die ons in staat stellen over hare inrichting te oordeelen. En ook wTat betreft de kerk- en kloosterboekerijen in de Fransch: provincie schiet

i) Franklin, I, p. 19 — 25. ») Franklin, II, 25. 3) Franklin, III, 335 ') Franklin II, 82.