is toegevoegd aan uw favorieten.

Middeleeuwsche bibliotheken

Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

V.

De Librye te ZutpKen

De Librye te Zutphen heeft in Je laatste jaren meermalen de aandacht getrokken van geleerden en kunstenaars. W ie het oude gebouwtje binnentreedt waant zich voor een oogenblik in de middeleeuwen verplaatst. De verwulfde, op pilaren rustende zoldering, de hooge ramen, de roodsteenen vloer, de puimten of lectrfinen, donker van ouderdom, de machtige folianten zelve, met hun koperen of ijzeren beslag, bevestigd met verroeste ijzeren ketens, dat alles werkt er toe mede, om dien indruk op te wekken en te versterken. Nauwelijks zou liet u verwonderen als ge plotseling de deur hoordet opengaan en eenige mannen in bruine pijen gehuld, zaagt binnentreden, om onhoorbaar een plaatsje te zoeken op de oude banken; als ge een oogenblik later, wanneer zy in hunne lectuur verdiept waren, niets meer van hen bemerktet dan hier en daar een eerwaardig aangezicht, of een geschoren kruin, neergebogen over den langen lessenaar.

't Behoeft ons alzoo niet te verbazen, dat iemand die de middeleeuwen door en door kende, dat Prof. Moll, de geleerde schrijver van de „Geschiedenis der Christelijke kerk in Nederland vóór de Hervorming", in de Librye de oude boekerij zag der Zutphensclie kanunniken, en die meening, zonder nader onderzoek, voorstelde als een teit.

Daar waren er echter, die minder studie hadden gemaakt van de middeleeuwen in het algemeen, doch die zich meer in het bijzonder hadden toegelegd op de geschiedenis der bouwkunst: en deze meenden in de bouworde der Librye sporen te ontdekken van den invloed der renaissance.

En toen er zoo kwestie ontstond tussclien meeningen en meeningen, werden tluks de archieven geraadpleegd, en jawel, daar stond liet, zwart op wit, dat men met den bouw der Librye begonnen was in

1561 en dat deze in 1564 was voltooid.

Afgedaan was de zaak: de bouwkundigen hadden gelijk. Toch ontging het ook hun niet, dat de inrichting dezer boekerij, dat bovenal