is toegevoegd aan uw favorieten.

Het leven en de werken van Gerrit Dou beschouwd in verband met het schildersleven van zijn tijd

Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

schilderen, gelijk uit zijn in 1676 vervaardigden Biddenden Kluizenaar in het Rijksmuseum (nn 1006), en uit zijn Bellenblazende Kinderen te Innsbrück blijkt. Dit laatste stuk is, blijkens de daarop voorkomende Blauwpoort, op Do u's atelier geschilderd1). Hij schijnt met zijn penseel niet genoeg te hebben kunnen verdienen, althans in 1677 vertrok hij naar Amsterdam, waar hij tot zijn dood (+ 1721) als keurmeester van de hop woonachtig bleef en er nog in 1698 eenige kermistooneelen schilderde, waarin hij deels D o u, deels M e t s u navolgt2).

Evenmin als Naiveu bleet' diens medeleerling Bart h o 1 o m e ü s Maton !), die tegelijk met hem D o u 's atelier betrad, in zijne vaderstad wonen. Na zich in 1671 als lid van het St. Lucasgild te hebben laten inschrijven, waarvan hij in 1674 en '75 hoofdman was, vertrok hij in 1679 naar Zweden, vanwaar hij in 1681 naar Leiden terugkeeide. Of hij wederom naar Zweden vertrok, of hij schilder bleef, dan wel een ander bedrijf ging uitoefenen, is onbekend. Zijn werken, die dikwijls onder ü o u 's naam doorgaan, zijn daarom moeilijk op te sporen. Ivramm, Immerzeel e. a. vermelden er eenige, waaronder dat der verzameling Six te Amsterdam, dat een goed voorbeeld is van zijne niet onverdienstelijke, doch onzelfstandige wijze van werken. Al heeft hij, vooral in zijn kaarslichten, de techniek vrijwel onder de knie, zijn stukken zijn vooral daarom zoo onbeteekenend, omdat het steeds onmiddellijke navolgingen van D o u 's composities zijn.

Aan deze fout lijdt echter wel geen van Dou's leerlin-

1) Het werd vroeger aan Dou toegeschreven. Vgl. O. H. XV 214.

2) Een van die stukken te Amsterdam n° 1007, een tweede bij Isidor Klarwill te Weenen.

3) Geboren te Leiden tusschen 1643 en '46. Sterfjaar onbekend. ZieObr. V 347 en vooral O. Granberg, Collections Privées de la Suêde p. 81, 295.