is toegevoegd aan uw favorieten.

Een Rus te Delfzijl

Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

moed in, waar men wanhoopte aan de komst van betere tijden. Maar met dat al verpraatte hij heel wat tijd, en terwijl hij juist aan 't ziekbed bij Weering zat en dezen vertelde van de geruchten omtrent herhaalde nederlagen van den Franschen keizer, zooals deze in stilte de ronde deden, werden ze opgeschrikt door trompetgeschal en hoefgetrappel. Pontier verbleekte: 't was Charette met zijn troep, die daar voorbij galoppeerde; mogelijk zou het nu voor de waarschuwing bij Wierma te laat zijn.

Pieter Weering en zijn zoon merkten, dat de dokter geschrokken was en barstten uit in verwenschingen tegen die dieven, dat roofgespuis. En de dokter zei er dezen keer niet veel tegen, brak zijn visite haastig af en stapte het dorp verder door tot bij het laatste huis. Verder behoefde hij niet te gaan om te zien, dat zijn vrees gegrond was: 't was inderdaad te doen geweest om het vee van den molenaar!

«Onbegrijpelijk ook, dat die Wierma 't zelf niet ingezien en op de laatste Damster markt nog zooveel ossen ingekocht heeft,» mompelde de dokter, Hij mopperde op dien armen Wierma, wiens huisraad daar vernield, wiens vee geroofd werd en die daar niets tegen kon doen. Hij verweet den molenaar onvoorzichtigheid, terwijl er bij de laatste beestenmarkt van een beleg nog geen sprake was, en terwijl hij wist, dat een pelmolenaar zonder de verdiensten op de ossen, die hij vet mest van den afval