is toegevoegd aan uw favorieten.

De hut van oom Tom

Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

vinden, dat dit noodzakelijk is. Indien gij duldt, dat de bedienden aan ieder onaangenaam gevoel toegeven en over iedere kleinigheid klagen, dan zult gij de handen vol hebben. Ik gevoel dat het mijn plicht is om er bedaard onder te blijven."

Miss Ophelia's oogen drukten bij die woorden een onbewimpelde verbazing uit, die St. Clare als zoo koddig voorkwam, dat hij in een luid gelach uitbarstte.

„St. Clare lacht altijd, wanneer ik de geringste zinspeling op mijn hoofdpijn maak," zeide Marie op den toon van een lijdende martelares. „Ik hoop, dat de dag niet spoedig komen zal, waarop hij hieraan met berouw moet denken." En bij deze woorden bracht zij haar zakdoek aan de oogen.

Er volgde nu een vreemdsoortige stilte in het gezelschap. Eindelijk stond St. Clare op, zag op zijn horloge en zeide dat hij om bezigheden genoodzaakt was uit te gaan. Eva trippelde hem na. en miss Ophelia en Maria bleven alleen aan de tafel zitten.

„Nu, zoo is juist St. Clares gewoonte!" zeide de laatste, terwijl zij haar zakdoek met eenigen zwier liet zinken, nadat de misdadiger vertrokken was. „Nimmer erkent hij wat ik reeds sedert tien jaren heb geleden en hij zal dat ook nimmer doen. Indien ik iemand was van die soort, die altijd klagen, of altijd van hun ziekte spreken, dan zou ik zeggen, dat zijn gedrag eenigszins te verschoonen was, want de mannen hebben over liet algemeen een afkeer van klagende vrouwen. Maar ik heb alles voor mij zelve gehouden en zoolang gedragen, totdat St. Clare mij eindelijk in staat gelooft om

alles te kunnen verduren."

Miss Ophelia scheen niet recht te begrijpen welk antwoord er van haar

verwacht werd.

Terwijl zij er nog over nadacht wat zij zeggen zou, wischte Marie haar tranen weg en streek haar kapsel glad op een wijze als men dat ziet van een duif, wier vederen door een regenvlaag overvallen zijn geworden. Vervolgens begon zij een huishoudelijk gesprek met miss Ophelia over pottekasten, linnenpersen, provisiekamers en andere soortelijke dingen, die volgens onderling gesloten overeenkomst, aan het bestuur van de laatste zouden worden overgelaten, waarbij zij haar zoovele raadgevingen en opmerkingen gaf, dat een minder aan bezigheden en een stelselmatig leven gewend hoofd dan van miss Ophelia zeker geduizeld en in verwarring gekomen zou zijn.

„En nu," zeide Marie, „geloof ik u iets medegedeeld te hebben van 't geen gij hebt te weten, zoodat gij. wanneer ik weder door mijn gewone ziekte word aangetast, ze ker uw eigen gang kunt gaan, zonder mij te moeten raadplegen; maar wat Eva betreft, zij vereischt bijzondere oppassing."