is toegevoegd aan uw favorieten.

De hut van oom Tom

Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

ren aan den hemel flonkerden, die op hun eigen beeld schenen te staren, dat zij in de wateren zagen bewegen.

Tom en Eva zaten te zamen op een kleine bank in een prieel, aan het einde van den tuin. Het was Zondagavond en Eva's bijbel lag open op haar knie. Zij las daar de woorden: „En ik zag als een glazen zee, met vuur gemengd.

„Tom," riep Eva, plotseling stilhoudende en met den vinger naar het meer wijzende uit, „zie daar is zij!"

„Wat, miss Eva?"

„Zie je ze niet, daar voor je ?" zeide het kind, naar het glasachtige -water wijzende, dat in zijn kabbelende golven den gouden gloed der lucht weerkaatste. „Zie, dat is een glazen zee, met vnur gemengd!"

„Waarlijk waar. miss Eva," antwoordde Tom, terwijl hij onwillekeurig

aanhief:

O, konde ik vry de wieken spreiden,

'k Nam de vlucht naar Kanaans kust;

Gods englen zouden mij geleiden Naar 't nieuw verblijf van vrede en rust.

„Waar denk je dat het Nieuwe Jeruzalem is, Tom?" vroeg Eva.

„O. daarboven in de wolken, miss Eva,'' was zijn antwoord.

„Nu, dan geloof ik het te zien," hernam Eva. „Aanschouw die gindsche wolken eens ! Zij gelijken naar groote, van parelen en edelgesteenten gebouwde poorten, waar je doorheen kunt zien, verre, verre weg, waar alles goud is ! Kom, Tom, zing dat vers van de heilige geestenscharen."

En Tom zong de woorden van den welbekenden lofzang:

'k Zie reeds de heilige geestenscharen In zalig koor vereenigd daar;

Zij roeren blij de zilv'ren snaren,

En zegepalm omkranst hun haar.

„Oom Tom, ik heb hen gezien!" riep Eva uit.

Tom twijfelde daaraan niet in het minste, en hij scheen er zich zelfs niet eens over te verwonderen. Indien Eva hem had gezegd, dat zij in den Hemel was geweest, dan zou hem dit zelfs zeer waarschijnlijk zijn voorgekomen.

„Soms komen zij tot mij als ik slaap, die geesten," zeide Eva, wier oogen een zonderlinge uitdrukking aannamen, terwijl zij op een hauwen toon neuriede:

Zij roeren blij de zilv'ren snaren,

En zegepalm omkranst hun haar.

„Oom Tom!" zeide het meisje, „ik ga ook daarheen."

„Waarheen, miss Eva?"