is toegevoegd aan uw favorieten.

De hut van oom Tom

Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

Miss Ophelia, die, na eenigen tijd rondgedoold te hebben, een methodistische bijeenkomst in de nabijheid wilde bezoeken, was daartoe met Tom als koetsier uitgegaan en werd op dezen tocht door Eva vergezeld.

„Ik zegje, Augustin," sprak Marie, na een poosje gesluimerd te hebben, „dat "ik naar de stad zenden moet om mijn ouden geneesheer, doctor Possy. Ik weet stellig, dat ik tegenwoordig aan hartklopping lijd."

„Wel, waarom zou je hem moeten laten roepen? Eva's geneesheer schijnt

mij een bekwaam man te zijn."

Ik zou hem in geen gewichtig geval vertrouwen, antwooidde Maiie. „en ik vrees, dat ik daarin verkeer. Ik heb er in de beide laatste nachten érnstig over nagedacht; ik heb zulke verontrustende pijnen en zulk een

zonderling gevoel."

,.0, Marie, je vergist je zeker; ik kan niet gelooven, dat het een hart-

ziekte is."

„Dat dacht ik wel van je," zeide Marie; „ik verwachtte waarlijk niets anders. Je kunt je wel ongerust maken als Eva kucht of haar maar het geringste scheelt; maar aan mij wordt nooit gedacht.

„Indien je er dan zoozeer op gesteld bent, om een hartziekte te hebben, nu, dan zal ik trachten dit ook te beweren," antwoordde St. Clare. „Ik wist

inderdaad niet, dat het zoo was."

„Nu, ik hoop niet, dat het je berouwen zal, wanneer het te laat is," zeide Marie; „maar geloof het of geloof het niet, zooals je verkiest, mijn bezorgdheid voor Eva en de inspanning, welke ik mij om dat lieve kind heb moeten getroosten, hebben een ziekte ontwikkeld, voor welke ik reeds lang heb gevreesd."

Moeielijk was het te zeggen, welke inspanningen Marie eigenlijk bedoelde. St. Clare gaf zwijgend bij zich zelf een eigen uitlegging aan die woorden en ging met rooken voort, zooals van een verhard mensch, als hij was, verwacht kon worden, totdat er een rijtuig voor de veranda kwam oprijden, waaruit Eva en miss Ophelia stapten.

Miss Ophelia ging regelrecht naar haar kamer, om zich daar van hoed en shawl te ontdoen, gelijk altijd haar gewoonte was, voordat zij met iemand een enkel woord wisselde, terwijl Eva dadelijk op St. Clare's roepen kwam toesnellen, zich op zijn knie nederzette en hem een verslag van de door haar bijgewoonde godsdienstoefening deed.

Weldra hoorden zij luide uitroepingen in miss Ophelia's kamer - welke even als die, waarin zij zaten, op de veranda uitkwam — en iemand bittere verwijten doen.

„Wat nieuw boevenstuk zou Topsy nu weer hebben uitgevoerd!" vroeg St. Clare. „Ik durf wedden, dat die opschudding door haar veroorzaakt wordt."