is toegevoegd aan uw favorieten.

Lambert Hadewart

Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

bussen zijn geweest, die u zoo hebben toegetakeld. Erich Bodener,

wie had dat gedacht P" , ,

Ja wie zou dat gedacht hebben P Als iemand me een jaar geleden voorspeld had, dat Erich Bodener, de deken van het kuipersgilde tegen de overheid zou opstaan, en dat hü tegen een Hadewart ten strijde zou trekken, dan had ik hem gevraagd of hij gek was. Geen mensch kan voor zyn dood zeggen wat er van hem worden kan. U kent toch de heele geschiedenis van het oproer?"

Mijn broer Hartwig heeft er me van verteld."

"hü is een van de beste en mildste van de raadsheeren. Kijk eens, Lambert - dit zeg ik nu eerlyk en openhartig, om genade van inenschen behoef ik niet meer te bedelen - wij hebben geïnde op een manier als volstrekt niet te pas kwam. De overheid blyft de overheid en 'n mensch moest zich niet laten ophitsen door zwartgallige en warmbloedige lui. Maar zonder schuld is de Raad waarachtig niet; zonder zyn aanzien te grabbelen te gooien kon hij best nu en dan met de gewone burgerij te rade gaan; z«n zwygen en later zyn spottend antwoord hebben beide veel kwaad gedaan."

„Dat kan best voor een deel waarheid wezen, meester Erich, maar

toch meende ik stevig te moeten aanpakken."

„Dat was goed gezien ook. Anders zou er nog meer bloed gevloeid zijn- bij 'n langen strijd had zich mischien een vreemdeling als scheidsrechter opgeworpen en een hoog loon geëischt. De Pommeranen zijn niet op ons gesteld. Maar meer dan over myn eigen lot lig ik te denken over het lot van de gevangenen. Ik vrees dat de Raad niet alleen aan de gevangenis maar ook aan den roodmantel denkt."

Dat vrees ik ook, Bodener. En hebben ze eigenlijk iets anders verdiend? Wie hebben een jaar of wat geleden het hardst geschreeuwd om

Johann Wittenborg z'n dood? Ik wil niet wraakzuchtig zyn — maar -

Wees nu eens een oogenblik geen krijgsman, Lambert, maar een goed koopman, die weet te rekenen I De haat vreet verder, als je haar niet smoort; toen één hoofd van de families, nu een rij hoofden van burgers! De volgende maal wordt nog meer bloed verlangd —

en Lübeck heeft al de schade."

Hm! Wat u me daar voorrekent klinkt niet kwaad en daarbij

treurig genoeg."

„Laat daarom uw stem niet zwijgen, meneer Lambert, als u me gelyk geeft. De Raad zal des te eerder gehoor schenken aan uw woord, omdat hy u dank verschuldigd is."