is toegevoegd aan uw favorieten.

Intramoleculaire atoomverschuiving bij Azoxybenzolen

Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

was toen donkerder geworden. Bij staan aan de lucht in de geopende buis vertoonden zich groote, witte kristallen, die bij 36° smolten, en dus uit onveranderd azoxybenzol bestonden, dat door wateropname uit het oplosmiddel was uitgekristalliseerd. De gele kleur blijkt dus te wijten te zijn aan eene stof, die er door gewone omkristallisatie, ook bij koken met dierlijke kool, niet uit te krijgen is, maar die door de verhitting met BECKMANN'sch mengsel ontleed is. Dit werd nog door eene afzonderlijke proef vastgesteld.') Overigens kon geene omzetting worden aangetoond.

5 Gr. azoxybenzol, opgelost in 20 c, c. BECKMANN'sch mengsel, werd nu 5 uren verhit op 180°. De inhoud der buis was toen donkerviolet geworden en strooperig; een gedeelte werd in water uitgestort. De violette kleurstof bleek ongevoelig voor zuren of basen; zij was oplosbaar in azijnaether, maar kon uit dat medium niet kristallijn worden verkregen. Uit het in de buis achtergebleven gedeelte der violette vloeistof scheidden zich weer groote, witte kristallen van azoxybenzol af. Bij deze proef was het azoxybenzol dus gedeeltelijk omgezet. De omzetting schijnt echter in andere richting te verloopen dan de gewenschte, en slechts te voeren tot amorphe stoffen.

') Het kleurlooze azoxybenzol bleek even gevoelig als het gele voor direct zonlicht, en kleurde zich spoedig.

4