is toegevoegd aan uw favorieten.

Het land mijner vaderen

Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

welkomst, in dit opzicht, bleef Cairo buiten rekening. Zelfs „Cook" scheen, voor één oogenblik, zijn bezinning kwijt. Doch slechts voor dat oogenblik. Want eerlang had hij „al zijn menschen", waaronder ook ik, gelukkig, behoorde, per omnibus of ander rijtuig, op weg naar hun hotel, waar hun bagage straks zou volgen. Ik zelf kreeg uitstekend logies in het „Hotel-Khedivial" en daar het laat in den avond was, begaf ik mij spoedig ter ruste.

Ware ik niet zoo zeer vermoeid geweest, dan zou de gedachte, dat ik te Alexandrië was, en morgen die stad zou doorkruisen, mij wellicht het slapen belet hebben. Immers: Te Alexandrië! — de stad, door Alexander, den Groote, in 332 vóór A. D. gebouwd, op de plaats, waarheen hij geleid werd, als door inspiratie van Griekenland's grootsten Dichter, die, 600 jaren te voren, gesproken had van „een zeker eiland, in een woedende zee, tegenover (de rivier) Egypte, dat zij P h a r o s noemen," waar was „een haven met goeden ankergrond" l); — in de stad, door haar Stichter bestemd tot de haven- en handelplaats van Egypte, waar het Oosten en het Westen ter markt zouden moeten komen; en tevens om den zetel te zijn van Egyptisch-Oostersche geleerdheid, gehuw'd met de Muze van Griekenland-Rome; een eenig Alexandrië, waar kooplieden en dichters, bouwkundigen en filozofen, beeldhouwers en schilders, handwerkers en schrijvers, uit Egypte en Griekenland, uit Syrië en Italië, Arabië en Perzië, en uit andere landen zich zouden vestigen; in de stad, door Alexander gebouwd, en waar hij is begraven, in een kist van goud.

Te Alexandrië, onder Ptolomeus I, die het eiland Pharos door het Heptastadium, een zeven stadiën langen dijk, aan Alexanders vestiging bond, vergroot en verrijkt, en onder diens naaste opvolgers steeds machtiger en aanzienlijker geworden. En dat niet slechts om haar wereldhandel en kunstnijverheid, maar om haar wetenschap en letteren; niet alleen om haar havens met wonder-lichttoren, haar markten en magazijnen, haar tuinen en paleizen, maar ook, en meer nog, om haar Bibliotheken en haar Museum, waar de poezië en mathesis, astronomie en medicynen, botanie en zoölogie beoefend werden, en waar de geleerdsten van

■) Odyssey j 354-355-