is toegevoegd aan uw favorieten.

Het land mijner vaderen

Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

groote menigte tegen Juda en Jerusalem, en Joas wordt, in zijn angst, gedrongen, om al de geheiligde dingen zijner vaderen, en al het goud, dat gevonden wordt in de schatten van het Huis des Heeren, zoowel als in zijn eigen huis, te zenden aan Hazaël, den Koning van Syrië, opdat deze van hem zou aftrekken. Daarna wordt Joas, in het gezicht van den Tempel, te Millo door zijn eigen knechten vermoord.

Ook zijn zoon en opvolger, Amazia, die eerst den Heere dient, ook in Zijn Tempel, buigt zich straks voor de afgoden van de Edomieten, die hij in de kracht van God geslagen had! En met Joas, Koning van Israël, krijg gezocht hebbende, wordt hij door dezen verslagen, zóó, dat de overwinnaar 400 ellen breekt aan de muren van Jerusalem, en „al het goud en het zilver en al de vaten, die in het Huis Gods gevonden worden," wegneemt naar Samarië.

Gedood te Lachis, wordt hij opgevolgd door Uzzia, de krijgshaftige, die, „wonderlijk geholpen", Jerusalem zeer versterkt, maar, sterk geworden, tegen den Heere, zijn God, overtreedt, meer nog dan eenig koning vóór hem gedaan heeft, in het Huis des Heeren. Want hij gaat in den Tempel, in het Heilige, om te rooken op het reukaltaar vóór het Heilige der Heiligen, wat niemand toekomt, dan den priesteren, Aarons zonen. En als Azaria, de Hoogepriester, met 80 priesteren hem wil afkeeren van het bedrijven zulker groote overtreding tegen den Heere, daar hij het reukwerk reeds in zijn hand heeft, wordt hij toornig tegen de priesters Gods, en zou hij voortgaan in zijn heiligschennis, zoo de Heere hem niet, vóór het altaar, met melaatschheid straft, waarop hij „met haast" uit het Heiligdom verdreven wordt.

Onder de regeering van zijn opvolger Jotham vindt er geen verdere ontheiliging van den Tempel plaats, behalve, dat Jotham, in de 16 jaren, dat hij Koning was, „niet in den Tempel des Heeren gaat, — dus niet, persoonlijk, aan den Tempeldienst deelneemt, schoon hij wel de „hooge poorten" aan het Huis des Heeren bouwt, wat mede oorzaak wordt, dat het Volk zich nog verderft.

Doch Jotham wordt opgevolgd door Achaz, die 16 jaren regeert, en die den smaad van het Huis Gods schier tot het uiterste vermeerdert. Hij offert en rookt op de hoogten en op de heuvelen en onder alle groen geboomte; hij maakt gegoten beelden den Baüls; hij rookt aan de afgoden in het dal van Hinnom, tusschen Zion