is toegevoegd aan uw favorieten.

Het land mijner vaderen

Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

Het Loofhuttenfeest wordt weer gevierd; en daarna opnieuw belijdenis van zonden gedaan door geheel het Volk, dat zich andermaal verbond voor des Heeren aangezicht om naar de Wet en de inzettingen te leven. Zonder aanzien des persoons, handhaaft Nehemia het recht; met de uiterste nauwgezetheid ijvert hij voor de nakoming der geboden des Heeren zoo in den dienst des Tempels als in het dagelijksche, burgerlijke leven. Schoon hoog in eere aan het hof des Konings van Perzië, is Nehemia zóó vurig patriot als een zoon van het meest patriotsche volk, Israël, ooit kan zijn, — onovertroffen in zijn ijver voor den dienst des Heeren, in de Stad Zijner verkiezing, door het Volk des Verbonds. En als hij eindelijk, volgens 's Konings verlangen, voor de tweede maal en nu voor goed, naar Susan terugkeert, is het met de bede: „Och dat het Volk, van nu voortaan in de wegen des Heeren wandele; zoo zal Hij Zijn hand wenden tegen hun wederpartijders; en Israels tijd zal eeuwig zijn!"

Dertig, veertig jaren nadat Nehemia naar Perzië wederkeerde, staat er nog eenmaal een Profeet op Moria, Maleachi, de „Bode God s". Hij heeft een last des Heeren aan het Volk, dat niet tot waarachtige bekeering is gekomen, schoon het niet weer tot den afgodendienst is vervallen. De offeranden worden niet gebracht volgens de Wet, het altaar niet voorzien overeenkomstig de inzettingen, zoo Priesters als Volk handelen trouwelooslijk. Krachtig, roerend, bestraffend, opwekkend, smeekend is het woord, waarmede Maleachi, in den Naam des Heeren, tot 's Heeren vreeze en trouwen dienst zoekt terug te brengen. En als de laatste der Profeten des Ouden Verbonds sluit hij de profetiën der Oude Bedeeling met de aankondiging der komst van dien „Maleachi", die zal heengaan en den weg bereiden voor het aangezicht van den iTTSn (Male ach ha-Berith), den „Engel des Verboxds", welke is de Heere, de Messias, „Die s n e 11 ij k tot Z ij n Tempel komen zal." Dit is het laatste woord der profetie vóór de Openbaring van den Beloofden Verlosser: „Ziet! Hij komt."