is toegevoegd aan uw favorieten.

Het land mijner vaderen

Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

VIERDE AFDEELING.

FRAGMENTEN VAN COPIE NIET MEER DOOR DEN SCHRIJVER GEHEEL VOOR DE PERS GEREED GEMAAKT.

I.

DE PERZISCHE OVERHEERSCHING.

Het is twee eeuwen later. De wereldheerschappij van Perzië en Medië heeft plaats gemaakt voor die van Macedonië-Griekenland, van het „Koperen Rijk", en deze heeft, op den bestemden tijd, moeten wijken voor die van het „Rijk van Ijzer", — van het vierde Dier, „schrikkelijk en zeer gruwelijk", — de Romeinsche heerschappij. Israël is al dien tijd blijven zitten „zonder koning", onder de regeering van vreemde vorsten, die, bij de wisseling der heerschappijen, van Syrië bezit kregen of namen. En geen smaad of schande, in die eeuwen over Jerusalem en Juda gekomen, is aan Moria en den Tempel gespaard gebleven.

Jeshua, broeder van den Hoogepriester Jonathan, door den Perzischen landvoogd Bagoses gesteund in zijn pogen om de hoogepriesterlijke waardigheid te verkrijgen had met den Hoogepriester twist gezocht in den Tempel en was daar, in de Heilige plaats door dezen gedood. Een Hoogepriester — doodslager zijns broeders bij het Altaar! Om dit te wreken, was de heidensche landvoogd met geweld in het Heiligdom gedrongen, dat ontheiligende. Jonathan