is toegevoegd aan uw favorieten.

Onder de vanen van vriend en vijand

Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

NEGENDE HOOFDSTUK.

Aan den Main. aan den Neckar en aan den Rijn.

In de eerste week van October 1631 kampeerde niet ver van Wïirzburg aan den Main een hoop Zweedsch krijgsvolk, üe stad en vesting Würzburg had het niet gewaagd den Zweedschen koning te trotseeren, zij opende de poorten zonder zich te verdedigen na een dag bedenktijd en Gustaaf Adolf trok de prachtige residentie van het rijke bisdom binnen. Doch de eigenlijke sleutel van de vesting, de citadel en liet bruggehoofd, de vesting Mariënburg, op den linker oever van den Main, waarin de geheele Würzburger bezetting zich had samengetrokken en waarheen ook reeds vroeger "al de kostbaarheden van het bisdom waren gebracht, bevond zich nog in staat van tegenweer in handen van de keizerlijken.

Het kamp aan den Main stond onder bevel van overste Axel Lillie, een officier in wien de koning groot vertrouwen stelde en onder zijn bijzonder commando stond luitenant Berthold Landschad von Steinach en diens schildknaap Valentijn Lobedanz. Valentijn had juist twee veldstoeltjes voor e tent geplaatst en beide jonge mannen zetten zich bij elkander met het gezicht naar de rivier gewend. Tegenover hen lag de citadel Mariënburg.

//Men zou niet denken, luitenant, begon Valentijn, „als men u aanzag, dat gij uw vaderland al meer en meer nadert terwijl ik, arme jongen van het Saaiedal, al verder en verder van huis word gesleept. Het is net de verkeerde wereld, gij kijkt zoo zwart als de nacht en ik heb plezier in mijn leven