is toegevoegd aan uw favorieten.

Onder de vanen van vriend en vijand

Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

was te wijten aan de plunderirigszucht van de Zweden op den eenen vleugel, de onbesuisdheid van prins Ruprecht en de wankelmoedigheid van Karei Lodewijk op den anderen.

Hertog Bernhard echter klopte hem troostend op den schouder en zeide: //Je bent mij weer van harte welkom, trek je de zaak verder niet aan. De hoofdzaak is en blijft voor mij, dat jij met je broeder en vriend heelhuids bent teruggekomen, ook heb je betrekkelijk weinig manschappen verloren. Wij hebben het immers wel vooruit voorspeld, jij zag de zaak nog zwarter in dan ik. En overigeDs kom je net op tijd om je ergernis spoedig te vergeten. Breisach is rijp voor de overgave. Mijne afgezanten zijn heden bij den stijfkop Reinach en hij zal binnen twaalf uren de capitulatie onderteekenen. De ellende is in de stad op zijn hoogst geklommen. Ik heb hem om er een eind aan te maken eervollen aftocht met vaandels en twee kanonnen toegestaan."

Den 9den December 1638 was de stad in handen van hertog Bernhard. Toen deze van eenige gevangen soldaten vernam hoe onmenschelijk wreed de commandant Reinach tegenover hen was geweest, had hij berouw van zijn belofte hem eervol te laten aftrekken, hij dacht er echter niet aan zijn eens gegeven woord in te trekken.

//De Gallische Brennus heeft het Duitsche kapitool genomen," aldus klaagden at, Breisach's val de keizerlijken en beproefden met deze woorden den hertog de groote zege te vergallen, door hem aan zijn afhankelijkheid van Frankrijk te herinneren. Luid jubelden echter de met hem bevriende Duitsche protestantsche vorsten, want zij vreesden meer de overmacht en de tegen-hervorming van het huis Habsburg dan de tegenwoordigheid van de Franschen in hun land.

Na Breisach's val wordt de dappere Saksenhertog het eerst //Bernhard de Groote" genoemd.

Het toppunt van zijn roem heeft Weimar door de verovering van de als onneembaar beschouwde vesting bereikt; in den strijd met de veeltongige lasterpen, is hij bezweken, tegen den onderhandelingsoorlog met Frankrijk en zijn