is toegevoegd aan uw favorieten.

Onder de vanen van vriend en vijand

Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

geyen. Dat een vorst in dezen eindeloozen treurigen krijg niet altijd heer is over zijn land, dat kan u niet bevreemden."

»Dat moet ik u toegeven, heer Von Steinach. Intusschen moet ik nu als soldaat vragen: //Hoe staat het met heer Karei Lodewijk als legeraanvoerder? Commandeert uw vorst als veldheer en generaal ?"

z/Ik heb met deze mijne manschappen onder hem bij Vlotho tegen Hazfeld gestreden."

z/Zijt gij uitdrukkelijk door hem gelast den Dilsberg te overrompelen ?"

//Ja en neen, overste. Gij zult geen onwaar woord uit mijn mond vernemen. Reeds vijf jaar geleden heeft Karei Lodewijk mij als commandant van den Dilsberg begroet. En hij heeft dit woord herhaald, toen wij scheidden na den slag bij Vlotho. Gij zijt rechtvaardig genoeg in uw oordeel om niet te verlangen, dat de opperbevelhebber zijne officieren niet iederen rit of iederen aanval zal voorschrijven. Dat is vooral in dezen oorlog een onmogelijkheid. De wijze, waarop ik mijzelf tot commandant van den Dilsberg heb gemaakt, kon Karei Lodewijk mij wel allerminst voorschrijven daar hijzelf het geheim van de onderaardsche gang, waarvan ik gisteren kapitein Sendlinger deelgenoot maakte, niet kende. Toch noem ik mij met goed recht krijgsman van den keurvorst en commandant van den Dilsberg."

«Gij zult mij moeten toegeven, dat uw zaak een heele bijzondere is."

//Zeker ! en juist daarom heb ik deze buitengewone wijze van beraadslaging gekozen. Geen officier zou onder gewone omstandigheden zijn geheim op deze wijze prijs geven."

En wat denkt gij te doen als ik alarm maakte en mij met geweld van wapenen verzet tegen het bezit van deze vesting ?"

//Vergeef mij, den jongeren man, een openhartig woord, overste Preuner ! Ik verzoek u mij in den oorlog voor niet zoo heel onervaren te houden. Alarm kunt gij maken d. w. z. gij kunt uw opperbevelhebber den dringenden wensch doen geworden een leger tegen den Dilsberg te zenden. Dat gij