is toegevoegd aan uw favorieten.

Tandraderen

Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

K = T: cos t (22)

A = T tg 6 (23)

wanneer 0 de hoek is tusschen de richtingen van K en T.

Daar K ook wrijvingsverliezen geeft, doordat de tanden over elkaar glijden, heeft men, volgens (22), zoo weinig mogelijk verlies, wanneer ( tot 0 nadert, want dan is K = T en anders K > T. Bovendien is dan volgens (23) ook A = 0 en dus ook de wrijving in de tappen gering. M. a. w. de

druklijn moet zooveel mogelijk tot een loodlijn op decentraal naderen.

Men kan zich de inrichting met de twee armen in elk oogenblik vervangen denken door twee wrijvingsschijven met de stralen en l>2 en een staaf, die tegen beide schijven aangedrukt wordt gedacht en langs de druklijn valt (/<, en h.2 zijn de loodlijnen achtereenvolgens uit I en II op de druklijn). Draait nu I, dan duwt de wrüvingsschijf ht de